Reisverslag
vakantie 2008 naar Japan
Zondag
8 Juni 2008 45e
verjaardag Aad
Vanmorgen om 07:00 de deur uit. Om 07:15 kwam Aron aanrijden, hij was verkeerd gereden en moest via Papa in Roemenie telefonisch de goede kant uitgeleid worden. We zijn door hem naar het vliegveld gereden en hij liet nog even zien waar hij werkt en gewerkt heeft. Hij kan zo op de startbaan kijken en kan dus de hele dag vliegtuigen zien opstijgen en landen. We waren al zo vroeg op het vliegveld dat de gate 6 waar we moesten inchecken nog dicht was. We zijn lekker rond gaan wandelen en hebben op een gegeven moment in terminal 3 de lift naar het panoramadeck genomen en zijn via dit panoramadeck naar het grote restaurant in terminal 1 gelopen. Hier hebben we koffie en thee genomen met gebak, ik was tenslotte jarig. Hier heb ik dit eerste stukje van dit reisverslag geschreven en verder een spelletje gespeeld totdat het tijd was om te gaan inchecken. We zijn door de douane gegaan en al winkelend in de richting van onze gate gelopen op de B-pier. Van deze pier waren we nog nooit vertrokken en het is de verste pier aan 1 kant van schiphol. We wachtten totdat we het vliegtuig in mochten en gingen naar binnen. We zochten onze plek op en we zaten lekker voor de vleugel zodat ik naar beneden kon kijken. Naast ons zat een Nederlandse vrouw die alleen reisde. We stegen op en na een tijdje kwam de stewardess met een blad voor mij alleen. Ik kreeg een vegetarische maaltijd. Wat bleek nu, ik had bij de reisorganisatie opgegeven dat ik geen vis eet en zij hebben dat ook doorgegeven aan Finnair, met als gevolg dat ik nu een vegetarische maaltijd kreeg. Het was wel erg lekker, ik had couscous. Kort hierop kreeg de rest van het vliegtuig ook zijn eten. Dit was een korte vlucht en het nieuwe aan deze vlucht voor ons was dat er op het scherm steeds beelden vertoond werden van camera’s aan het vliegtuig. Er was 1 beeld recht naar onderen en 1 beeld uit de cockpit recht naar voren. Bij het taxiën naar de startbaan zagen we zo dat er een ander vliegtuig voor ons reed. Het was ook erg leuk dat je nu de start vanuit de cockpit kon meemaken. Het moment dat we los van de grond kwamen zag je het beeld van onderen en zag je het vliegtuig omhoog gaan vanaf de startbaan. Ik vond dit erg leuk. De routekaart liet ons zien dat we vlogen via Marken en aan het noorden de Noordzee over en uit het raampje kon ik de Waddeneilanden zien liggen en heb daar een paar foto’s van genomen. We vlogen verder over de Noordzee en vlogen over Denemarken en gingen bij Arhus weer de Oostzee over om niet veel later te landen in Helsinki. We hadden 2,5 uur gevlogen toen we weer landden. We gingen het vliegtuig uit en hadden ruim 1,5uur voordat we weer vertrokken. We liepen naar de gate 32 waarvan we zouden vertrekken en gingen hier zitten wachten. Onderweg in het vliegtuig had ik een vertaalapparaatje(computer) gekocht waarmee je heel veel dingen kon doen als woorden vertalen, rekenmachine, gewone en wereldtijd, conversie van euro naar Yen en noem maar op, dit dingetje heeft heel veel mogelijkheden. Tijdens het wachten bij de gate heb ik het apparaatje in zitten stellen. Op een gegeven moment mochten we weer het vliegtuig in en we zochten onze plaatsen op rij 50 op en we hadden lekker 2 plaatsen naast elkaar zonder iemand ernaast. We settelden ons en het viel op hoeveel ruimte we wel niet hadden, ik was immers ruim 45Kg lichter dan afgelopen jaar toen we naar Bali vlogen. Dat was heel prettig. In dit vliegtuig hadden we een beeldschermpje in de rug van de stoel voor ons en weer keuze uit diverse filmen, games, noem maar op. Ook kon je kiezen voor de routemap en naar keuze kijken naar de camera uit de cockpit en die van onder aan het vliegtuig die recht naar beneden keek. De manier waarop dit schermpje de route aangaf was heel modern in 3d en het zag er erg mooi uit.. We stegen op en na een tijd kregen we weer ons eten en ik kreeg wederom weer apart wederom couscous. Deze vlucht voerde ons dit keer helemaal naar het uiterste noorden van Rusland over het koudste deel van Siberië. De grond onder ons was helemaal wit bevroren en je kon bevroren meren en rivieren zien.
Maandag
9 Juni 2008
We
vlogen de gehele weg in het licht, waarschijnlijk omdat we zo noordelijk waren
vlogen we in het noorderlicht. Het is de hele vlucht niet donker geweest. Na 9
uur gevlogen te hebben landden we op Narita International Airport. Narita ligt
nog ca 65Km buiten Tokyo. Het was hier nu 08:50 plaatselijke tijd op Maandag 9
Juni. We haalden onze koffers op en reden via de douane naar buiten de
ontvangsthal in. Gelijk waar we eruit kwamen waren de balies waar je tickets
voor trein en bus kon kopen. We liepen naar de balie van de Keisei trein en
werden door het meisje heel goed en vriendelijk geholpen. Ze legde uit dat we 2
soorten tickets konden kopen. De ene deed heel erg veel haltes aan en de andere
was de Keisei Skyline en die sloeg er een heleboel over en was dus sneller. We
kozen voor de laatste en kochten de kaartjes en liepen naar het perron. We
hadden nog 10 minuten te wachten en A-M deed vast de laptoptas in zijn geheel in
de grote koffer zodat we 1 stuk losse bagage minder te sjouwen hadden. Even
later kwam de trein en namen we plaats. De trein reed weg en je zag de typische
Japanse bouwstijl van de huizen om je heen. We reden door rijstvelden en stopten
alsnog best wel vaak onderweg en deze rit duurde uiteindelijk toch nog 1,5 uur
voordat we aankwamen op Ueno station in Tokyo. We liepen het station in en
hadden inmiddels zo erg honger gekregen dat we in het station bij een
coffeecorner even wat gingen eten en drinken. Ik nam een BBQ dog en A-M nam een
soort van eierkoek gevuld met een zoete notenpasta en thee. Dit kikkerde ons wel
even op. We liepen hierna het station verder in en zochten uit waar we naartoe
moesten voor een taxi. We volgden de bordjes taxi en kwamen uit bij een oprit
waar je op een knop moest drukken om een taxi te bestellen en dat deed ik dan
ook. Binnen een minuut kwam er een taxi aan en automatisch zwaaide de achterdeur
van de taxi voor ons open doordat de chauffeur op een knopje drukte. We laden de
koffers in en lieten aan de chauffeur zien dat we naar het Ryokan Edoya moesten
en hij begreep de Japanse tekens die ik hem aanwees op ons geprepareerde
tekstenblad. We stapten in en hij stelde zijn navigatie in en zetten de meter
aan en we reden weg. Hij was er binnen vijf minuten en we liepen met onze
koffers het hotel binnen en melden ons aan. Passaat had ons te kennen gegeven
dat we onze voucher niet hoefden te laten zien bij inchecken, maar dat moest wel
en ik was blij dat ik alles zo dicht bij elkaar in een mapje gehouden had. We
kregen kamer 304 en gingen met de lift naar boven. De kamer bleek een
traditioneel ingerichte Ryokan kamer te zijn met Tatami matten en niveau
verschillen met slippers die je moest dragen. We settelden ons en hier bleek dat
ons verlengsnoer niet in de reisstekker paste die we hier nodig hadden. Bij het
aardcontact zat in de reisstekker een plastic strookje wat ervoor zorgde dat de
stekker van ons verlengsnoer hier niet in paste. Ik liep de gang op en vond een
man van de huishoudelijke dienst en liet hem mijn probleem zien en hij liep even
weg en kwam terug met een combinatietang. Ik kon nu het plastic stripje eruit
wrikken en zie, het verlengsnoer paste erin. Wij hadden weer stroom. Ik
installeerde mijn laptop en verzond een email naar onze vrienden en kennissen
met de eerste foto’s die we genomen hadden. We gingen douchen en vervolgens
slapen en hadden de wekker op 14:00 gezet (bleek later een uur verkeerd, stond
een uur te vroeg). Om 15:00 werden we dus wakker en knapten ons snel op en pakte
onze spullen in de rugzak en liepen het hotel uit de straat op. Volgens een niet
al te duidelijk kaartje wat ik had liepen we naar onze beleving in de richting
van JR metrostation Ochanomizu. Onderweg kwamen we een oud traditioneel gebouw
tegen wat eruit zag als een soort tempel en namen hier een foto van. We liepen
verder en kwamen bij een supermarktje aan. Hiervoor op de straat werden we
ineens aangesproken door een oudere dame die ons zag staren op het plattegrondje
en zij wees ons een beetje de weg. Hier bleek dat we aardig aan het afdwalen
waren. We kochten wat te drinken in de supermarkt en liepen verder in de
richting die de vrouw ons had aangewezen. Onderweg vroegen we nog de weg aan een
jong stel, maar die hadden blijkbaar geen idee waar we het over hadden en wezen
ons globaal in toch wel de goede richting. We liepen verder en kwamen
uiteindelijk aan bij een rivier met een brug waar het station was. Het jonge
stel wat we de weg gevraagd hadden liep hier ook de metro in en ze hadden dus
blijkbaar geen idee gehad wat we hun gevraagd hadden. We liepen het station in
en kwamen bij de ticketmachines uit en stonden hier een beetje dralend te kijken
waar we de tickets moesten halen. Iemand van het station in een grijs pak met
witte fluwelen handschoenen aan, zag dat waarschijnlijk en hij sprak ons aan en
hielp ons aan het juiste kaartje. Het viel ons op dat we nu al in korte tijd een
aantal keer erg behulpzaam en vriendelijk geholpen werden door de mensen. Dat
was erg prettig. We gingen met onze kaartjes door de hekjes en liepen het perron
op waar de trein kort daarop al kwam. We gingen erin en gelijk de volgende halte
moesten we er alweer uit om over te stappen, we waren op Tokyo Station
aangekomen. We zochten uit waar we naartoe moesten en liepen naar het andere
perron en wachten hier weer op de trein. Ook deze rit duurde maar 1 halte en we
liepen het station Yurakucho uit naar buiten en waren in een modern winkelgebied
aangekomen. Even later kwamen we erachter dat we in de winkelwijk Ginza
aangekomen waren. We zochten en liepen naar ons reisdoel hier, het Tokyo Kotsu
Kaikan gebouw en liepen het gebouw in. We namen de lift naar de 10e
verdieping waar de Japanse VVV zat, het TIC. We werden hier heel vriendelijk
geholpen en hadden wat kaarten van Tokyo en wat uitleg over het Kabuki-Za
Theater gekregen waar traditionele Japanse opvoeringen gehouden worden elke dag.
Toen we hier klaar waren gingen we weer met de lift naar beneden en op -1 was
hier zo’n Japans restaurantje met allemaal voorgemaakte showborden in de
etalage waar je op kon zien hoe de gerechten eruit zagen. We namen hier wat
foto’s van en liepen naar buiten. We kwamen langs een hal met allemaal
gokkasten waar allemaal mannen achter zaten te gokken. Dit zijn de Pachinko
hallen die in heel Tokyo en Japan overal zijn. We liepen verder en kwamen op een
kruispunt uit met het Sony Building. Dit was een erg groot kruispunt met
gebouwen met neon verlichting. Over het kruispunt liepen in een kruis de
zebra’s. Bij groen licht liepen van 4 kanten de mensen over en kruisten elkaar
midden op het kruispunt. Een heel apart gezicht wat ik nog niet eerder ergens
gezien had. Het regende erg zachtjes en we staken het kruispunt over en gingen
een Hamburger restaurantje in en namen ieder een hamburger hier en aten hem op
ons gemak op en keken gelijkertijd in de reisgids om iets in de buurt te zoeken
om te doen. A-M had een groot warenhuis gevonden dat Mitsukoshi heette en na het
eten zouden we dat opzoeken. Na het eten liepen we de straat weer op en het was
al schemerig buiten. We liepen over de straat verder langs de neon verlichtte
gebouwen hier en het drukke verkeer. Twee kruispunten verder zagen we aan de
overkant van de straat het Mitshukoshi. Hier stond een monnik in traditioneel
gewaad met hoed en A-M nam snel een foto van hem. We staken over en gingen het
warenhuis in. Op de Begane grond hier verkochten ze parfum zoals in elk
warenhuis, maar ook aparte dingen als mooie waaiers en eetstokjes die je in twee
delen in elkaar kon schroeven. We namen de roltrap naar beneden en hier had je
een food afdeling zoals in Londen bij Harrods. Hier kreeg je steeds dingen
aangeboden en ik en A-M proefden af en toe wat van de chocolade o.a. die ons
aangeboden werd. Het zag er allemaal erg mooi en verzorgd uit hier. Er waren ook
natuurlijk veel exotische dingen als speciale vissnacks en gelei-dingen. Het was
allemaal erg mooi qua presentatie. A-M nam hier veel foto’s. Hierna gingen we
met de roltrap naar boven omdat A-M ergens gelezen had dat ze hier een kimono
afdeling hadden en inderdaad op de bovenste verdieping (10 hoog ofzo) was deze
afdeling. Hier werden de mensen geholpen door personeel die kimono’s droegen
en dat zag er allemaal erg leuk uit. Je kon alles hier kopen wat erbij hoorde en
je had hier bv uitgestalde strikken voor op de kimono’s en tasjes(mandjes) die
de vrouwen erbij konden kopen en allerlei andere accessoires. Ook was hier een
dansgroep aan het dansen en zingen en dit was om mensen een vakantie naar hawai
te verkopen, want de dames waren Hawaiaans gekleed en aan het dansen. We keken
hier even naar en liepen hierna naar de roltrap en keken onderweg naar beneden
nog even naar een afdeling met serviezen die erg mooi waren. Ik ging hier naar
het toilet en het was zo’n toilet met muziek en verwarmde zitting en allerlei
knopjes met Japanse tekens ernaast die ik niet in durfde te drukken omdat ik
niet wist wat er dan zou gebeuren. Ik had al gelezen over dit soort toiletten
dat je op knopjes kon drukken om geluiden te overstemmen met andere geluiden
enzo en dit was dus zo’n toilet. Het viel ons ineens in de winkel op dat A-M
haar horloge een uur verkeerd stond en dat het een uur later was dan we dachten.
We liepen naar buiten waar het inmiddels 20:00 was en helemaal donker. We namen
hier de metro terug naar een halte dicht bij ons hotel. Toen we eruit kwamen was
hier een curry restaurant en hier hebben we samen voor nog geen 10 Euro
heerlijke curry met kip gegeten. Het viel ons steeds op dat het hier goedkoper
was dan we eerst gedacht hadden. Na het eten liepen we terug naar het hotel,
onderweg nog even water gekocht in een supermarkt. Op de kamer was het douchen
en naar bed na deze lange dag. Midden in de nacht werd ik wakker en was
uitgeslapen (Jetlag) en heb dit reisverslag bijgewerkt. Hierna ben ik weer naar
bed gegaan op de Tatami mat waar ik met mijn rug op de grond lag en sliep totdat
de wekker ging.
Dinsdag
10 Juni 2008
S’morgens
naar beneden voor het ontbijt. Hiervoor moest je door de garage lopen en achter
in de hoek van de garage was een deur naar een ruimte waar een klein
restaurantje ingericht was. Hier melden we ons met onze voucher die we van het
hotel gekregen hadden en werden bij binnenkomst al vriendelijk begroet door de
oude dame die het hier runde. We kregen van haar een dienstblad en mochten in
een ruimte die maar iets ruimer was dan een bergkast uitzoeken wat we wilden
eten. De keus was eerlijk verdeeld tussen Japanse slobbermaaltijden en westerse
broodjes met jam en kaas. Ook eieren kon je zelfs krijgen. Ik pakte een ei uit
het mandje, maar werd gelukkig door A-M terug gefloten. Het was een rauw ei
bedoeld voor door de Japanse slobbergerechten. Gelukkig stond er ook nog een
mandje met gekookte eieren en ik nam er daar dus een van. We zochten een
tafeltje en aten ons ontbijt lekker op met koffie (het was nog moeilijk om thee
voor A-M te bestellen, maar met handen en voeten kreeg ze na het halen van onze
vertaalcomputer uitgelegd dat ze thee wilde) en thee. Na het ontbijt gingen we
even naar de kamer om ons op te frissen en gingen na de rugzak ingepakt te
hebben naar de receptie. Hier legden we uit dat we niet goed geslapen hadden
vannacht omdat we door de dunne matjes heen op de vloer lagen en vroegen een
dikker matras. Na even bellen met de huishouding door de baliemedewerkster was
dit geregeld. We liepen het hotel uit en omdat het mooi weer was vanochtend
hadden we besloten om daar gelijk maar gebruik van te maken en Tokyo Tower op te
gaan. De reis daar naartoe werd een ontdekkingsreis van de Japanse metro voor
ons. We liepen naar het JR station Ochanomizu en dachten uitgevogeld te hebben
hoe we moesten rijden en kochten een kaartje voor wat we dachten een rit naar
metrostation Daimon te zijn. We gingen naar de trein en stapten in toen deze
kwam. Het schetste onze verbazing dat de lijn van deze metro al eindigde in
Station Tokyo, wat nog een paar haltes voor Daimon lag en we snapten er niets
meer van. De lijn op de kaart liep toch duidelijk door naar Daimon? Voor ons
betekende het in ieder geval een andere metrolijn uitzoeken en we hadden er een
uit gezocht die op de kaart wel door station Tokyo liep en zochten de lijn. We
konden deze lijn niet vinden onder de grond en snapten er wederom niets meer
van. Tijd voor hulp. We liepen naar de uitgang, naar een ticket-Office en legden
hier uit waar we naartoe wilden. De man vertelde ons dat we uit het station
moesten en buiten een aantal meter verder weer een station in. We liepen maar
naar buiten en waren dus ons kaartje kwijt, want deze wordt in Tokyo niet terug
gegeven maar ingeslikt en krijg je niet terug. Al lopende probeerde ik toch uit
te vinden op de metrokaart die we bij ons hadden wat we nu niet snapten aan het
metro systeem hier. Opeens had ik het, onderaan de pagina stonden de lijnen in
kleuren en in twee rijen. De ene rij was voor de TOEI lijnen (een treinbedrijf)
en de andere lijnen waren voor de Tokyo Metro Line (een ander treinbedrijf). Elk
treinbedrijf had dus aparte ingangen van metrostations die je ook apart van
elkaar moest benaderen via de straat. Dat was het dus. Dus buiten dat je goed op
je lijn moest letten, moest je ook nog eens opletten met het kopen van je
kaartje op het soort bedrijf wat de lijn runt. Ingewikkeld allemaal. Nu konden
we al 3 metrolijnen in Tokyo en die stonden allemaal op die ene kaart. We liepen
dus het volgende station in en kochten maar weer een kaartje. We liepen naar het
perron en namen de trein toen deze kwam. Even later stapten we weer uit in een
ander station voor de volgende overstap. We volgden de borden naar de andere
lijn en kwamen bij de poortjes die je kaartjes inslikten en staken ons kaartje
erin. Deze werd geweigerd en een metromedewerker kwam op ons af lopen. Hij vroeg
ons waar we naartoe moesten en wij noemden hem de stationsnaam. Onze kaartjes
werden ingewisseld door anderen en we konden verder. We weten nog steeds niet
hoe dat werkt. We liepen dus naar het perron en reden dit keer in een keer naar
de halte die het dichtst bij Tokyo Tower ligt. We liepen naar buiten en het was
erg heet en vochtig. Onderweg ergens zagen we vandaag dat het 28 graden was. We
liepen over de straat in de richting van Tokyo Tower en bij een zeistraatje
liepen we omhoog en kwamen bij de toren uit. Het rijden in de metro en vooral
het uitzoeken had ons erg veel tijd gekost en het werd buiten al een beetje
heiig van de warmte. Bij de toren aangekomen kochten we hier kaartjes en liepen
naar de liften waar op ongeveer steeds 2 meter van elkaar meisjes stonden die je
verder moesten leiden. De meisjes begroetten je en bogen diep voor je en waren
gekleed in een soort schooluniformpje, zwart met blauw en een hoed half op het
achterhoofd, half op de rug. We gingen de lift in en werden naar het eerste
platform gebracht. We liepen hier gelijk door naar de volgende lift en gingen
hier in de rij staan. Toen we erin konden bracht deze lift ons snel naar 250m
hoogte naar de observatiepost. We kregen het uitzicht over heel Tokyo, maar
konden Mount Fuji niet zien, daar het al te heiig geworden was. We maakten hier
veel foto’s en filmden een tijdje en toen we het allemaal gezien hadden namen
we de lift weer naar beneden. We keken nog even op de eerste ring rond en namen
de lift weer naar beneden. Onder in de toren staat een gebouw van 5 verdiepingen
waar van alles te doen is. Zo ook was hier een food court waar we bij de
McDonald’s wat te eten namen en op ons gemak opaten. Hier kwamen twee
Amerikanen naast ons zitten en 1 van de Amerikanen had een Nederlands T-shirt
aan met de leeuw en KNVB erop en ik sprak ze aan in de veronderstelling dat ze
Nederlanders waren en zo kwamen we in gesprek. Van hun kreeg ik te horen dat
Nederland de avond ervoor met 3-0 van Italië gewonnen had op het EK. Normaal
kijk ik altijd naar het EK of WK, maar dat zit er deze keer niet in en ik was
dus erg blij met dat nieuws. Na het eten liepen we weer terug naar het
metrostation. De stad is zo erg groot dat je steeds een behoorlijk stuk moet
lopen voordat je bij een dichtstbijzijnd metrostation bent. We namen de metro
naar Shijuku. Shinjuku is het grootste en drukste metrostation ter wereld en
plaats van de aanslagen die aan aantal jaren geleden gepleegd zijn in de metro
van Tokyo. Daar wij op een tijd midden op de dag hier kwamen viel het nogal mee
met de drukte die ik verwacht had. Geen mensen op het perron die je in de
metrowagens duwde zoals ik weleens op foto’s van hier gezien had.
Waarschijnlijk is dat alleen in het spitsuur zo. We liepen het metrostation uit
en liepen de wolkenkrabberwijk Shinjuku in. Dit is een wijk met kantoor
wolkenkrabbers zoals La Defence in Parijs en heeft zo ongeveer dezelfde
uitstraling. We liepen langs een zijstraatje met erg veel neon en veel mensen
die hier liepen en liepen het straatje verder in. Hier vond je allemaal
restaurantjes, gok en gameshallen. Op de volgende hoek van het straatje zagen we
de Shinjuku Bus Terminal, wat ons doel hier was. We liepen er naartoe en liepen
naar de balie waar Kawaguchi-Ko op stond. We vroegen om kaartjes voor de 12e
voor naar Kawaguchi-Ko met de Fujuki bus zoals in ons reisschema stond. Het
meisje pakte een blaadje wat ze blijkbaar altijd pakte bij buitenlanders en las
in haar Engels de regels op die ons vertelden dat we weer naar buiten moesten
lopen en de eerste deur aan onze linkerkant weer in moesten gaan en naar de
eerste verdieping, want daar zouden we het kaartje kunnen kopen voor de 12e.
Zij verkocht alleen kaartjes voor dezelfde dag. We liepen dus weer naar buiten
en de eerste deur zag eruit of het een deur was van een kast ofzo, niets gaf aan
waar deze deur naartoe leidde. Als het meisje niet verteld had dat we deze deur
moesten nemen had ik hem nooit open gemaakt. Afijn, we liepen dus naar boven
over de trap in het trappenhuis met oud groen zijl en zonder allure en kwamen
boven in een kantoortje aan waar een man aan een bureautje zat. We gingen op de
bankjes zitten die hier waren en wachten af. Ik zag na ons 3 mensen binnenkomen
die een kaartje pakten en gingen zitten wachten en zag tot mijn ergernis dat je
hier een kaartje moest trekken en pakte er gauw maar een. Nu gingen er dus 3
mensen voor die na ons gekomen waren, jammer.
Na een tijdje waren wij dus aan de beurt en werden vlot geholpen door de
man en kochten onze kaartjes. Hierna liepen we weer de straat op en vervolgden
onze weg weer in de drukke neonstraatjes. We liepen even een Pachinko hal in en
ik keek even naar het spelletje wat ik niet erg snapte. De mensen zaten hier
schouder aan schouder aan rijen gokkasten en hadden allemaal een bak met
balletjes bij zich. Steeds namen ze een handje vol met balletjes en lieten deze
in de kast vallen. Dan zag je ze aan de bovenkant via allerlei geleiderailen
door de kast naar beneden gaan en het was me niet duidelijk waar nu de te halen
winst in dit spelletje lag. Ik kon aan de lichaamstaal van een van de mensen
vlakbij waar we stonden zien dat we een indringer in hun leventje voor de kast
waren en maakte het kort hier, nam wat foto’s en ging weer naar buiten. We
liepen verder door deze straatjes en liepen in de richting van een cluster
wolkenkrabbers en er was er eentje bij die ze nog aan het bouwen waren en die
bijna klaar was die erg mooi van vorm en uitvoering was. We maakten hier wat
foto’s van en liepen in een rondje door de wijk terug naar het metrostation
Shinjuku. Hier liepen we de metro weer in en zochten uit hoe we met de metro
naar Ginza moesten, want we wilden naar het Kabuki-Za theater vanmiddag. We
kochten de kaartjes en liepen naar het perron en toen de metro kwam stapten we
in en gelukkig konden we zitten, want we hadden een aantal haltes te gaan.
Aangekomen op Ginza station liepen we de metro uit en gingen rondwandelen in de
wijk Ginza. Ginza is wat Times Square in New York is, met enorme neonborden
overal. Ginza is ook het winkel district en heeft een lange hoofdstraat die veel
lijkt op 5th avenue in New York. Ook hier zaten alle bekende winkels als Cartier,
Dolce Cabana, Armani, Gucci, noem ze maar op, ze zaten aan deze straat. We
liepen deze straat door en namen wat zijstraatjes en zagen een aantal
architectonische hoogstandjes van gebouwen waar we foto’s van maakten
onderweg. Na een tijdje was het tijd voor een hapje te eten en we namen een
broodje in een subways. We liepen hierna verder in de richting van het theater
omdat de kaartverkoop daar om 16:00 zou beginnen. Onderweg kwamen we nog langs
en winkel die voornamelijk alleen eetstokjes verkocht en keken hier even binnen.
De eetstokjes waren niet goedkoop, maar dan had je dan ook wat om je eten met
stijl te kunnen verorberen. We liepen via diverse straatjes verder en kwamen aan
bij het Kabuki-Za theater. Dit theater is in een oud en mooi theater met een
hoog fotoshoot gehalte en ik ging dus maar in de rij staan en A-M ging rondlopen
en foto’s van het theater maken. Na een tijdje weg geweest te zijn kwam ze
weer bij me en kort hierna begon de rij te bewegen en we kwamen aan bij de
ticketverkoop en kochten onze kaartjes en mochten naar binnen. We moesten 4 hoge
trappen op naar boven en we hadden plaatsen op de meest achterste twee rijen
bovenin achterin het theater. Deze rijen waren speciaal voor als je 1 losse
voorstelling kwam bekijken, wat 1 act was. We namen plaats in de kleine
stoeltjes en zaten kompleet opgesloten met onze knieën tegen de balustrade voor
ons. Er waren ook vrouwen die in een kimono naar het theater gekomen waren, ik
had ze in de rij al gezien en zag er nu nog meer plaats nemen in de zaal. Na een
half uur begon de voorstelling. Het is een verhaal wat verteld en gespeeld wordt
door acteurs in mooie Japanse kleding. Het verhaal ging over een Japanse
generaal die een slag verloren had en moest vluchten. Hij verborg zich en nam de
rol aan van een hulp in een sushi winkel. Mede omdat zijn vader nog een gunst te
verlenen had aan de eigenaar van de winkel. Het verhaal werd allemaal in het
Engels uitgelegd via een kastje met oorplug die we geleend hadden. Aan de
rechterkant op het podium zaten twee mannen op een verhoging. De ene man was de
verteller die af en toe in een zangerig hullende stem een deel van het verhaal
vertelde en naast hem zat een man die een Japans snaarinstrument af en toe
tokkelde. Op het toneel was het decor dat van een sushi winkel. Het was een
uitgebreid verhaal waar op het eind iemand stierf. Het geheel duurde een uur en
kwartier en was werkelijk slaapverwekkend. Mede doordat het allemaal in een erg
langzaam tempo ging. In de hoek achter ons stond een man die erbij hoorde en af
en toe in het stuk ineens een schreeuw gaf of kreet liet horen. Rare
gewaarwording was dat bij de eerste keer dat hij dat deed. Ik begon te tollen
van de slaap en af en toe viel ik ook echt in slaap. Aan het eind was ik ook
blij dat het afgelopen was en ik geloof A-M ook. We liepen weer naar buiten en
gingen weer aan de wandel door Ginza. We waren op weg naar het Tokyo World
Forum. Dit is een modern gebouw in de vorm van de boeg van een schip wat ik in
de reisgids al gezien had en graag wilde zien. Via allerlei straten door Ginza
kwamen we er aan en liepen naar binnen. Het gebouw is mooi van binnen met schuin
overstekende hangbruggen en veel glas. We keken hier even rond en liepen er
omheen en gingen vanaf hier wandelend een restaurantje zoeken. Aan restaurants
in Tokyo geen gebrek, ze zijn overal en in alle smaken en uitvoeringen. Wij
kozen er uiteindelijk een uit die “pronto” heette en vol zat met netjes
geklede kantoormensen die na het werk(of tijdens) hier wat gingen eten. We namen
allebei spaghetti bolognese met pesto erop. We hebben hier erg lekker gegeten.
Toen we klaar waren was het buiten donker en we liepen door Ginza en namen
nachtfoto’s van alle neon om ons heen. Toen we het wel gezien hadden zochten
we het metrostation weer op en namen de metro terug naar het hotel en liepen
terug naar het hotel voor douche en nachtrust.
Woensdag
11 Juni 2008
Vanochtend
weer ontbeten en spullen gepakt en de deur uit. Nu met de metro naar station
Asakusa. Hier ligt namelijk Tokyo’s bekendste Tempelcomplex Senso-Ji. Bij
bovenkomst uit de metro zie je een stukje verder in de straat een gebouw staan
waar een enorme soort gouden wortel op het dak staat. Het is een kenmerkend
gebouw wat ook in de reisgidsen staat en het is van een bierbrouwerij. We
maakten hier wat foto’s van. Gelijk uit de metro loop je hier leuke smalle
straatjes in met allemaal leuke winkeltjes. We liepen door een straatje en
sloegen linksaf en kwamen in de straat terecht die recht op de tempel aanloopt,
de straat heet de Namakise-dori. We liepen naar de Kaminarimon-poort die aan het
begin van de straat staat. Een enorme rode poort met een gigantische lampion in
het midden en aan beide kanten wachterbeelden. Vanaf deze poort tot aan de
toegangspoort van de tempel zijn aan weerszijden van de weg over de ca 800meter
die de weg lang is van poort tot poort allemaal winkeltjes waar je dingen als
kimono’s, waaiers, spiegeltjes, eetstokjes, lampionnen en snoep kon kopen en
nog veel meer. We keken ons ogen uit. Het was er enorm druk en gezellig. Na een
hele tijd gewinkeld te hebben kwamen we aan bij een klein tempeltje links voor
de grote toegangspoort van de tempel. Hier stond een Boeddhabeeld en we zagen
diverse mensen hier even bij bidden en vervolgens wrijven over het beeld. Dit
was omdat ze hopen hierdoor geluk en genezing te krijgen. Het beeld heet de Nade
Botokesan-boeddha. We liepen door de hoofdpoort, de Hozo-Mon-poort. Weer een
poort met in het midden een gigantische rode lampion en aan beide zeikanten een
iets kleinere goud/zwarte lampion. Eenmaal hier doorheen was je aangeland op het
voorterrein van de Senso-Ji Tempel. Hier staat een heel groot wierookvat(Joukoro)
onder een afdakje waar steeds een groep mensen omheen stond en die stonden
zichzelf de wierrook toe te wuiven, dit zou hun gezondheid brengen. Eerlijk
gezegd zag ik dat ze steeds de moord stikten, maar ja, als zij geloven dat het
hun goed doet, wie ben ik om er wat van te zeggen. Terwijl we hier stonden
werden we aangesproken door twee jongen schoolmeisjes die ons een interview
wilden afnemen als schoolopdracht voor Engels. Ze vroegen heel netjes of we
hieraan mee wilde werken. Ik zei ja en ze vroegen mijn naam, wat ik in Japan
kwam doen, hoe lang we bleven en nog een paar van die vragen. Ze schreven alles
naarstig op in hun schriftje en vroegen aan het eind of ze met ons op de foto
mochten. Dat vonden we prima en een voorbijganger zetten ons vieren op de kiek.
Ik nam hier gelijk gebruik van en vroegen of zij ook een foto van A-M en mij
wilden nemen en dat wilden ze wel. Hierna bedankten ze ons en namen heel
vriendelijk en met een buiginkje afscheid van ons. Ik had er over gehoord en
gelezen dat deze situaties voorkwamen, maar het was leuk om ook eens mee te
maken. In de gebouwtjes aan de weerszijden van het voorplein zaten kasten met
allemaal laatjes. Hier kon een gelovige een laatje uitkiezen en er een spreuk of
wens uithalen en dit over een hekje wat erbij stond ophangen. Zal ook wel weer
voor geluk zijn denk ik zo. Vlakbij tempel was een fontein met een beeld van een
soldaat met waterspuwende draken aan zijn voeten. Hier lagen lepels in en ik zag
dat mensen water uit het fontein opschepte en hiervan uit de lepels dronken, zal
wel heilzaam zijn. Ook staat hier op het terrein een vijf verdiepingen tellende
pagode. We liepen de trap van de hoofdtempel op en de tempel in. Hier was het
heilige deel afgeschermd, maar je kon er wel naar binnen kijken. Er zat een
monnik te bidden in het heilige deel. Ervoor was een grote bak waar ik mensen
munten inzag gooien en vervolgens stonden ze hierbij te bidden. Rechts van deze
bak was weer een zelfde soort kast als buiten met laatjes. Aan de linkerklant
van de stonden mensen met een aluminium koker te schudden totdat er een stokje
met een spreuk uitviel. Het zal allemaal wel met het hopen op geluk en
gezondheid te maken hebben. Op het plafond van de hal van de tempel stonden
allemaal prachtige schilderingen en aan de pilaren hingen grote mooie lantaarns.
Na het hier goed bekeken te hebben liepen we aan de linker zijkant de tempel
weer uit en de trap af. Hier kwamen we bij een tempeltuin waarin allemaal kleine
houten tempeltjes staan en er is een brugje over een watertjes met grote
goudkarpers erin. A-M liep een van de tempeltjes in na mij. Ik was er net weer
uit toen ik vanuit het tempeltje een harde schreeuw hoorde van een man en
vervolgens hoorde ik A-M hard sorry roepen. Je mocht er geen foto’s maken en
A-M had het bordje met de megagrote letters NO PICTURES niet gezien en werd luid
en duidelijk hierop aangesproken. Ontdaan kwam ze naar buiten en ik kreeg het
verwijt dat ik er niets tegen deed……., zucht(1,2,3,4,5,6,7,8,9,10). We
liepen verder door dit stuk tuin en toen we het hier gezien hadden liepen we
weer terug naar de winkelweg tussen de tempelpoorten en winkelden hier verder.
Ik kocht hier nog 2 T-shirts en A-M kocht hier een dichtklapbare spiegeel met
een beeltenis van een Japanse Geisha voor Mount Fuji erop. Al lopende kwamen we
aan bij een stalletje waar een machine stond te puffen. Dit was een
koekjesmachine. Je zag de koekjes gevuld en samengesteld worden en uiteindelijk
kwamen ze, ploep, op een rail eruit glijden en de man die erbij stond verpakte
ze gelijk. We kochten er drie voor 100Yen van en peuzelde
twee van de nog hete koekjes gelijk op. Ze waren gevuld met een sojapasta
die zowat in alle zoetwaren zit die we hier tot nu toe tegen gekomen waren. De
koekjes hadden allemaal verschillende vormen als tekens en vissen enz. We waren
inmiddels weer terug bij de voorste poort en het was al bijna kwart voor een en
we hadden honger. We hadden in een zeistraatje een stukje terug een McDonald’s
zien zitten en liepen hier naartoe en aten hier onze lunchburgers. We besloten
hier genoeg gezien te hebben en trokken met de metro op weg onder Tokyo naar de
Paleistuin. Van de metro liepen we naar de paleistuin toe en liepen de
grachtbrug over door de poort die zich in een enorme wal bevond. Het hele
Keizerlijke Complex is ommuurd met een gracht er omheen. De Keizer gebruikt nu
nog maar een kleiner deel van het enorme complex en de tuinen er omheen zijn
vrijgesteld voor bezoekers. We liepen dus door de poort de tuin in en liepen
langs een zijweg die afgezet was en waar een bewaker bij stond. We liepen naar
de kiosk die hier een stukje verder was en haalde hier een plattegrond van het
complex. We bepaalden hier op een bankje wat we wilden zien in de tuin en hoe we
gingen lopen. Terwijl we bij de kiosk wegliepen begonnen er wachtoefeningen en
we konden de commando’s horen roepen uit het Keizerlijk deel aan de andere
kant van de hoge heg waar we langs liepen. We hoorden de militairen hun
oefeningen doen. Via nog een doorgang van wederom een hoge wal liepen we het
tuin gedeelte van het complex in. Terwijl we tussen deze wallen doorliepen zagen
we de Keizerlijke gebouwen staan tegen een achtergrond van wolkenkrabbers die
buiten het complex er omheen stonden. De Keizer die geen jongens kan krijgen
woont hier dus nog steeds. We liepen verder en kwamen bij een tuin aan waar
allemaal paadjes tussen bloemen doorliepen en het was hier heel mooi aangelegd.
Het was hier heel druk. We namen hier veel foto’s en liepen verder door de
tuin en kwamen aan bij een paadje wat even omhoog liep en bij een watervalletje
uitkwam. Hier gingen we even zitten en konden vanaf hier over het park heen
kijken. Toen we hier even uitgerust hadden liepen we verder op ons gemak de tuin
weer uit via doorgangen door wallen en een andere poort en brug. Gelijk buiten
het park was hier een metrostation wat we in gingen. We namen de metro naar
station Akihabara en kwamen hier weer boven de grond. We hadden nl een
schoonmaakbandje nodig voor de filmcamera omdat deze steeds aangaf dat de kop
schoongemaakt moest worden. Ik wist dat hier en enorm warenhuis moest zijn ala
de media markt bij ons. Het grote elektronicawarenhuis heet Yodobashi-Akiba.
Gelijk buiten het metrostation zag ik al de neonboorden van het warenhuis en we
staken de straat over en liepen er heen en gingen naar binnen. Het warenhuis is
enorm. Stel je een hele grote media markt bij ons voor zoals bv die in Rotterdam
op de lijnbaan en denk je dan er een in die ongeveer vier keer zo groot is en je
hebt een idee hoe groot deze was. Ik heb van alles nog nooit zoveel bij elkaar
gezien. Van elk merk was dan ook elke uitvoering uitgestald hier, ongelofelijk.
Wij gingen naar de camera afdeling die zich op de 2e verdieping
bevond en kochten hier een schoonmaakbandje voor de filmcamera. Na nog wat
vragen gesteld te hebben over een vlekje in onze spiegelreflexcamera zijn we
weer vertrokken en zochten uit hoe we naar ons hotel moesten gaan. We besloten
dat het vanaf hier goed aan te lopen was. We zochten op een kaart bij het
metrostation uit hoe we moesten lopen en gingen aan de wandel. Onderweg gingen
we nog zo’n echt Japanse supermarkt binnen waar ze allemaal vreemde dingen en
kriegelvisjes e.d. verkochten. We liepen verder richting ons hotel, herkende
waar we waren en begonnen te zoeken naar een restaurantje voor het avondeten. We
vonden aan aanplakposter tegen een wand bij een trap omhoog en dat leek ons wel
wat, er stond veel vlees op en geen vis. Dat was een item waar we steeds naar
zochten, daar ik geen vis eet. We liepen omhoog en werden door een serveerster
naar een tafel geleid in een afgeschermde box. Hier in het midden van de tafel
was een grillrooster en nu beseften we waarom we zoveel vlees op de kaart hadden
zien staan, je moest hier zelf aan de BBQ. Dat vonden wij prima. We vroegen om
een kaart in Engels en de serveerster ging weer weg en we hoorden gerommel en
gepraat achter onze box en op een gegeven moment ook een printer. Even later
kwam de serveerster weer terug met een uitdraai van het menu in het Engels. We
besloten te gaan voor 1 van de plaatjes van de Japanse menukaart en met handen
en voeten konden we uitleggen wat we wilden hebben. De serveerster had onze
bestelling opgenomen en verdween weer. Voor ons lag een vierkant wit vel op een
paar bordjes en ik pakte dit op en het bleek een schort te zijn wat je eerst uit
moest vouwen en vervolgens omhangen en dit deed ik dan ook maar. Eronder lagen
eetstokjes op twee kleine schaaltjes en er was geen bestek. Even later werden er
schaaltjes met vlees gebracht en een dampende sissende schaal met rijst en
groenten waar een rauw ei op lag. De serveerster roerde het rauwe ei er doorheen
en vertelde dat de schaal heet was. Dat begreep ik zelfs uit haar Japans met
haar gebaren erbij. Het pannetje siste zo dat het wel duidelijk was dat het heet
was. We hadden er ook een schaaltje sla bij gehad die was aangemaakt met zeewier
en sesamzaadjes en veel knoflook. Ook stonden er op tafel 2 soorten sojasaus en
peper en knoflookpasta. De bedoeling van de 2 schaaltjes die je bij je had was
dat je daar sojasaus in deed en je vlees hierin aanmaakte en vervolgens het op
de grill die inmiddels door heet meisje was aangestoken grilde. We hadden ook
een schaal met daarop champignons en paprika en uien en maïskolfjes en kool
gekregen die je ook kon grillen. We gingen hiermee lekker aan de gang en hebben
ons hiermee kostelijk ruim1,5 uur vermaakt. Hierna ruim voldaan rekenden we af
en liepen terug naar ons hotel voor verfrissing en nachtrust. Weer een topdag
achter de rug in Tokyo. Ik heb gauw het verslag geschreven en rond gemaild omdat
we morgen naar Kawaguchi-Ko vertrekken en ik niet weet wanneer en of ik weer een
internetverbinding heb.
Donderdag
12 Juni 2008
Vanochtend
zijn we om 08:00 opgestaan. Eerst hebben we lekker rustig aan gedaan. Ik wilde
nog wat foto’s verzenden en nam de laptop mee naar de lobby van het hotel
omdat daar de ontvangst beter was dan op de kamer. Toen ik de laptop aanzette
gaf hij een foutmelding en wilde niet opstarten. Het was een systeem crash. Ik
probeerde meerdere keren de laptop opnieuw op te starten en zelfs in veilige
systeem modus wilde de laptop niet meer opstarten. Toen besefte ik dat het goed
mis was met de laptop. Ik ging terug naar de kamer en wij pakten snel onze
spullen bij elkaar. We vertrokken gelijk met de taxi naar het Shinjuku Bus
terminal omdat onze bus naar Kawaguchi-Ko om 13:10 daarvandaan zou vertrekken.
Ik wist dat daar bij de bus terminal wel iets zou zitten waar ik met mijn laptop
aan kon komen en wilde daar voor vertrek nog even langs met de laptop. Al onze
tot nu toe genomen foto’s stonden op de laptop. We gingen dus met onze koffers
naar de receptie, checkten uit en lieten hun een taxi voor ons bellen. Deze was
er binnen 5 minuten. We stapten in de taxi en deze reed ons in ca een half uur
naar de Shinjuku Bus Terminal. A-M bleef met de koffers in de wachtruimte van de
terminal zitten en ik stak de straat over. Hier was een winkel, een soort media
markt. Ik kreeg hier een meisje te spreken wat redelijk Engels sprak en legde
haar mijn laptop probleem uit. Zij zelf kon er niets mee en nam me mee naar een
andere balie waar er een jonge man bij kwam. Hij sprak geen Engels dus zij
vertaalde. Ik startte de laptop en liet hem de foutmeldingen zien, die zij weer
vertaalde naar het Japans voor hem. Hij vertelde dat ik een systeemcrash had en
hier in mijn eigen land naar moest laten kijken. Hij kon er hier verder niets
aan doen. Met deze kennis in het achterhoofd kocht ik gelijk maar twee
geheugenkaarten voor de camera’s erbij om niet zonder te zitten. Ik liep terug
naar A-M en we wachten totdat de bus kwam. Precies om 13:10 vertrokken we en
reden door de enorme agglomeratie van Tokyo weg uit deze stad. Met behulp van
onze vertaalcomputer kon ik aan de buschauffeur vragen of hij een seintje wilde
geven als we in Kawaguchi-Ko aankwamen. Na een tijdje hield het verstedelijkte
gebied op en begonnen we door de bergen te rijden en het landschap werd mooier
en mooier. Van tijd tot tijd stopte de bus onderweg bij een halte. Als er
niemand stond of uit moest reed de chauffeur gauw weer verder. Om 14:50 kwam de
bus aan op het station van Kawaguchi-Ko. We liepen met onze koffers naar het
toeristenbureau en lieten hun voor ons het hotel bellen zodat we door de gratis
hotel shuttlebus opgehaald zouden worden. Na ca. 5 minuten werden we al
opgehaald en de vriendelijke chauffeur wilde beslist zelf onze bagage inladen.
Hij bracht ook de koffers de lobby van het hotel binnen en er werd ons
vriendelijk verzocht plaats te nemen op een van de banken die in een verlaagd
gedeelte van de lobby stonden. Onze koffers werden inmiddels naar onze kamer
gebracht. Bij ons kwam een man van de receptie op zijn knieën aan ons tafeltje
zitten en ik moest even een formuliertje invullen. Hierna vroeg hij hoe laat we
ons diner wilden eten en hoe laat we ons ontbijt wilde eten en of we westers of
Japans ontbijt wilden. Wij kozen natuurlijk voor een westers ontbijt omdat
Japans allemaal slobber is. Even later kwam een meisje in kimono ons twee kopjes
groene thee brengen. Dat ging op geheel traditionele manier. Ze zette de kopjes
voor ons neer en draaide ze 90 graden met twee handen. We kregen doekjes om onze
handen te wassen en mochten genieten van de overigens bittere thee. Hierna
schuifelde ze onder wat gemompel in het Japans (waarschijnlijk smakelijk drinken
ofzo) naar achter en maakte een diepe buiging en liep weer weg. Toen we onze
thee op hadden ging een ander meisje ons voor naar onze kamer. Ze ging de kamer
binnen en liet zien hoe alles werkte en vroeg zelfs of ze voor ons even thee
moest zetten. Dat vonden wij niet nodig en bedankten haar. Onder het mompelen
van verontschuldigingen schuifelde ze buigend door deuropening weg en schoof de
vierkant geruite afscheiding achter haar dicht. Ze had nog wel gezegd even voor
ons kimono’s te halen en even later kwam ze deze weer brengen. Het waren er 4.
1 ervan hoorde je in je kamer en in het hotel te dragen en 1 was om in te
slapen, een pyjamakimono dus (zou pyjama een Japans woord zijn?). In deze kamer
kwam je eerst binnen in een halletje waar je je schoenen uit moest trekken bij
een verhoging van het vloerniveau. Hier stond een kastje vol met slippers die je
dan op het volgende vloerniveau mocht dragen. Het volgende niveau hier was onze
slaapkamer, deze had gewoon tapijt. De woonkamer (weer een niveau hoger, latje
dikte hoger) heeft tatami matten en dit zijn een soort van strooien matten in
langwerpige 2 meter lange en 1,5 meter brede stukken. Een oppervlakte van een
kamer wordt in Japan ook aangegeven in het aantal tatami matten dat een kamer
telt. Onze kamer had zes tatami matten en was ca 3 bij 5 meter. Elke kamer heeft
een soort van alkoofje wat een heilig altaartje is. Hier hangt meestal een doek
in met grote Japanse tekens en er staat een pot of iets anders op de grond in,
voor de rest is het leeg. De toilet was hier een volelectronisch wonder met
allemaal knopjes met Japanse tekens erbij die wij niet konden lezen. A-M drukte
op een van de knopjes toen ze erop zat en kreeg prompt een straal water tegen
haar billen wat een kreetje aan haar ontlokte. Ik heb slechts het knopje van de
brilverwarming kunnen ontwarren en drukte niet op de anderen, bang ook een
straal of iets dergelijk te moeten verduren. We hadden gehoord dat er zelfs
toiletten waren waar knopjes opzaten die geluiden maakte om wc geluiden te
verhullen. Die zullen er best wel bij gezeten hebben, maar als je geen Japans
kunt lezen kan je het dus niet ongestraft uitproberen. Na even de kamer bekeken
te hebben liep ik het balkon op om het uitzicht te bekijken. Mount Fuji was uit
de wolken gekomen. Het was een prachtig gezicht de majestueuze vulkaan zo over
het meer heen te zien. De witte top was goed te zien en na mate de tijd
verstreek kwam de hele vulkaan uit de wolken. We namen natuurlijk heel veel
foto’s en ook film. Na een tijdje op de kamer doorgebracht te hebben verlieten
we het hotel voor een wandelingetje voor het eten. We liepen het hotel uit en
sloegen rechtsaf en liepen door een tunnel en kwamen hier doorheen uit bij een
brug die het meer in tweeën deelde. We liepen de brug op en staken deze over.
Halverwege de brug benaderde een meisje te fiets ons en zij vroeg ons of we een
foto van haar met Mount Fuji op de achtergrond wilden nemen en dat deden we
natuurlijk voor haar. In return nam zij een foto van ons met Mount Fuji op de
achtergrond. We kwamen aan de andere zijden van het meer uit en liepen een
stukje langs het meer en hier konden we heel goed een foto van ons hotel maken.
Er was hier een groep op een parkeerplaats bezig en zo te zien was het een
school. Er zaten allemaal kinderen in dezelfde schoolkleding in blauw en wit op
de grond en op de drie meter hoge kade rand ervoor stonden netjes op een rijtje
ca 15 volwassenen die ook in blauw wit gekleed waren. Deze waren zich aan de
kinderen aan het voorstellen. Elke keer stapte er een naar voren, maakte een
diepe buiging en stelde zichzelf voor. Hierna boog hij of zij wederom en stapte
weer terug in het rijtje. Dit deden ze allemaal en elke keer als er een zich
voorgesteld had kregen ze applaus en gejoel van de kinderen. A-M was doorgelopen
naar de rand van het meer en heeft dit gemist, maar ik heb hier een tijdje naar
staan kijken en vond het vermakelijk. Hierna liepen we dezelfde weg weer terug.
Op de hoek waar de tunnel was waar we doorgelopen waren op de heenweg kon je er
ook omheen. Hier was een pad en we liepen dit in. Hier was een rots met een trap
omhoog en die liep ik op. Hier bovenaan was een klein tempeltje. Ik nam er een
foto van en liep weer naar beneden waar A-M op een steen op me zat te wachten.
We liepen terug naar het hotel en gingen naar onze kamer. Vlak voor het diner
zijn we nog even in de hotelwinkel gaan kijken en liepen vervolgens naar de
vleugel waar het restaurant gedeelte was van het hotel. Dit was aangelegd in
geheel traditionele Japanse stijl met van die schuifdeurtjes met wit vierkante
papieren zoals je ze in Japanse films vaak ziet. Het was hier heel sfeervol en
als je Japanse films ziet, is dit wat je meestal ziet als aankleding, het was
erg leuk. We werden opgevangen bij een trapje waar je je schoenen uit moest
trekken omdat je weer naar een hoger niveau ging. We werden door een meisje in
kimono voor gegaan naar een apart kamertje en hier was de tafel al gedekt en
mochten we plaats nemen. Je kon hier je benen onder de tafel in een gat in de
grond steken. De meisjes die ons bedienden kondigden zich aan dat ze binnen
kwamen bij de in vierkantjes verdeelde papieren houten schuifdeur en schoven
deze vervolgens open en schuifelden al buigend op hun knieën naar het tafeltje
toe om ons te bedienen. Alles wat ze serveerden gaven ze even uitleg over en zo
mogelijk deden ze dat in het Engels, maar vaak kon het ene meisje wel wat Engels
en het andere meisje helemaal niet. Dan werd de uitleg gewoon in het Japans
gegeven en knikten we maar wat. Steeds verdwenen de meisjes en kwamen even later
weer terug op dezelfde schuifelende nederige manier en kwamen dan weer 1 of twee
schaaltjes brengen. Het waren meestal rauwe dingen, vaak slijmerig en het meeste
ervan lustte we niet en lieten we staan. De hapjes waren allemaal heel erg
klein, maar daarom kreeg je er ook veel van. Sommige waren wel lekker en het was
allemaal zeer verfijnd en perfect qua presentatie. Zo kreeg ik vleesrolletjes
die heerlijk gekruid en gebraden waren met daarin twee niet volledig gare
sperzieboontjes. Dit was werkelijk verrukkelijk. A-M kreeg steeds andere dingen
omdat ik voor de reis bij de reisorganisatie aangegeven had dat ik geen vis at.
We kregen een schaal met vlees en groenten en er werd een vlammetje aangestoken
onder de twee ronde bakplaatjes die op tafel stonden. Het was de bedoeling dat
we zelf ons vlees en groente hierop braden. En dit deden we dan ook met veel
plezier. Al met al hebben we het erg naar ons zin gehad met zijn tweeën in ons
aparte kamertje. Om ons heen hoorden we de geluiden uit de omgrenzende kamers
daar de tussenscheidingen in letterlijke vorm papierdun waren. Je moet je hier
een gang bij voorstellen met allemaal kleine kamertjes waar mensen zitten te
eten en bediend worden. De serveerster schoof ook altijd het deurtje weer achter
haar dicht als ze iets gebracht had zodat je helemaal intiem alleen zat. Het was
al met al een hele ervaring dit traditionele Japanse diner ritueel. Na het eten
liepen we weer weg en ik hoorde de meisjes heel hard achter me giechelen toen ik
door de gang wegliep. Het zijn ook allemaal Japanse toeristen hier en Europese
toeristen zien we bijna niet onderweg, dus we zijn werkelijk een vreemde eend in
de bijt en ik kan me voorstellen dat de meisjes zo onder elkaar wat te giechelen
hadden over die vreemde Europeanen die er allemaal niets van snapten.
Waarschijnlijk was de reden van het gelach dat ik op mijn schoenen gekomen was.
Hier kwamen geen mensen eten van buiten het hotel en iedereen was gekomen op
slippers en ik stond natuurlijk te stuntelen met het aantrekken van mijn
schoenen en dat was natuurlijk heel grappig voor hun. We liepen dus terug naar
de kamer. Ik ging gauw nog even terug naar de lobby om wat mails te versturen.
Hierna ging ik weer naar boven en schreef dit verslag nu op papier. A-M lag al
diep te slapen toen ik klaar was en gedoucht ging slapen. Einde van weer een
enerverende dag.
Vrijdag
13 Juni 2008
We
stonden op bij een strak blauwe lucht buiten en de scherp tegen de horizon
aftekenende Mount Fuji lachte ons over het meer heen toe. Majestueus stond zij
daar en keek heen over alles en iedereen rond haar. Als je haar zo bekeek
begreep je goed dat de japanners haar beschouwen als een heilige berg. Vandaag
was ons plan met de kabelbaan de berg naast het hotel op te gaan en daar te gaan
wandelen. Om 08:30 gingen we naar beneden voor ons ontbijt in hetzelfde kamertje
als waar we gisteren zaten. Het ontbijt werd op dezelfde manier uitgevoerd als
het diner qua bediening. We kregen een uitgebreid ontbijt. Dit zou een westers
ontbijt zijn, maar de uitvoering en hoe het opgediend was, was duidelijk Japans.
Na het ontbijt pakten we op onze kamer onze spullen en liepen naar de lobby. We
hadden nog wat vragen te stellen over de dag van morgen. De receptionist legde
alles fijn aan ons uit en stond erop ons naar het kabelbaanstation te laten
brengen door iemand van zijn staf. Even later reed er een busje voor en mochten
we instappen. Ik was al in overtreding doordat ik de schuifdeur van het busje
opendeed. Verontschuldigingen mompelend haastte een meisje naar me toe om de
deur te openen, maar helaas ze was te laat en ik had hem al open. De chauffeur
reed ons tot aan de trap van het kabelbaanstation en rende zowat om het busje
heen. Ik denk dat hij iets had van, het zal ons nog niet een keer gebeuren dat
een gast de deur zelf open doet. Dit keer had ik het door hoe het werkte en
bleef braaf zitten tot de vriendelijke knipmes de deur voor ons geopend had. We
bedankten hem hartelijk en liepen de trap op en kochten het kaartje. De
kabelbaan ging gelijk weg en we konden gelijk naar binnen. De cabine zoefde
omhoog aan de staalkabel en we stegen hoger en hoger tegen de berg op. Het was
geen lange rit en al gauw waren we bij het bovenstation aangekomen en mochten we
uitstappen. Boven liepen we naar buiten en kregen een prachtig uitzicht over
Kawaguchi-Ko en het meer. Ook ons hotel was goed te zien beneden aan het meer.
En natuurlijk toornde Mount Fuji boven alles uit. We keken hier wat rond,
maakten foto’s en filmden wat. Hier vandaan liep een paadje de heuvel op en we
sloegen deze in. We wisten dat aan het eind van dit pad een Tori stond op een
heuveltop en dat voor de hele wandeling heen en terug 6 uur stond. We hadden al
besloten dit niet te doen omdat we nog wat meer wilden doen deze dag. We zouden
tot een bepaalde tijd dit pad gaan lopen en dan omkeren en terug gaan. Het viel
ons op dat geen enkele Japanner ging wandelen. Iedereen bleef op het
uitzichtpunt bij de kabelbaan en ging als ze het uitzicht gezien hadden weer
naar beneden. We liepen dus alleen op dit pad door de bossen. Het was een mooi
aangelegd pad en best wel stijl op sommige stukken. Het viel mij op hoe fit ik
was. Ik kon soms wel naar boven rennen en dan moest ik wachten op A-M die na een
tijdje zwaar puffend en hijgend bovenkwam. Al die kilo’s die ik afgelopen jaar
ben kwijt geraakt hebben mij heel erg goed gedaan. Het maakte mij in ieder geval
erg gelukkig te bemerken dat ik zo fit was. We liepen zo’n drie kwartier door
de bossen en de bossen waren zo dicht en gaven geen enkel uitzicht prijs en het
leek erop dat het voorlopig ook niet zou veranderen op dit pad. We besloten maar
om te draaien en terug te gaan. We liepen het pad weer terug en om de zoveel
tijd moest ik een tijdje blijven wachten op mijn lieve A-M die het blijkbaar erg
zwaar had en niet kon bijhouden. Dat vond ik niet erg, ze had het immers jaren
voor mij moeten doen toen ik zo zwaar was en haar niet bij kon houden. Na een
tijdje kwamen we weer aan bij de kabelbaan en we konden gelijk naar beneden en
zoefde in de cabine aan de staalkabel weer naar het stadje toe. We hadden in een
folder een soort van openluchtmuseum gezien en wilden daar deze middag naartoe.
Daarom liepen we richting het centrum en probeerden het station te vinden. Al
lopende kwamen we voorbij een zijstraat. Toen ik deze inkeek zag ik ca 100m
verder een Tori staan (een Tori is een boogpoort die aangeeft dat de plek achter
de Tori een heilige plaats is). We liepen de zijstraat in en naar de Tori.
Hierachter was een tempel en hier maakten we wat foto’s van. We liepen terug
naar de hoofdweg en volgden deze verder in de richting van het centrum. Onderweg
liepen we een supermarktje in en kochten hier zachte broodjes, boter en kaas
voor tussen de middag. We liepen verder richting het centrum en vroegen de weg
en we liepen uiteindelijk recht op het station af. We kochten kaartjes voor de
bus en die zou vertrekken om 12:10 van track 1. We gingen in de wachtruimte
zitten en gingen onze broodjes opeten. Om 12:08 reed onze bus voor de halte 1
op. En inderdaad precies op tijd twee minuten later vertrok de bus met ons erin.
Het eerste stuk reden we door Kawaguchi-Ko, maar na een tijdje reden we langs
het meer en de weg volgde het meer tot het eind van het meer. De bus slingerde
door dichte bossen en na een tijdje diende het volgende meer zich aan en ook
hier bleef de weg de rand van het meer aanhouden. Aan het eind van dit meer
sloeg de bus weer de bossen in en na een tijdje kwamen we aan bij het
openluchtmuseum. We stapten uit en liepen het pad naar het dorpje op. We kwamen
bij het tickethuisje en betaalden onze tickets. Dit dorp is een dorp van heel
traditionele oude Japanse huizen met rieten daken. Elk huisje had een
kunstnijverheidspecialiteit. De ene ging over spinnen, de ander ging over
geurzakjes maken en weer een ander was een klein samoeraimuseum. Het was erg
leuk om hier rond te lopen en we namen ook ruim onze tijd hier. Toen we klaar
waren liepen we terug naar de bushalte en we hadden geluk, 5 minuten later kwam
de bus al en stapten we in. We reden terug naar Kawaguchi-Ko en stapten uit bij
de halte aan het begin van de lange brug die het meer in tweeën deelt. Hier
namen we op een terrasje een ijsje en toen dit op was staken we de brug weer
over en liepen terug naar het hotel. We gingen naar onze kamer en namen lekker
rust. We douchten en wachtten totdat het tijd was voor ons traditionele Japanse
diner om 18:30. A-M ging deze keer in kimono en ik hield het liever vertrouwd op
westers. Daarmee viel ik in dit hotel uit de toon omdat iedereen hier in kimono
ging. We namen plaats in ons kamertje en de tafel was weer prachtig gedekt. We
schoven onze benen in het gat in de vloer onder de tafel en we kregen ons eten
met uitleg geserveerd. Het waren allemaal heel kleine verfijnde onsmakelijke
hapjes, die we ook bijna allemaal weer lieten staan. Er werd miso soep binnen
gebracht en hier is de geur alleen al misselijk makend en dus heel vervelend als
dit bij je op tafel staat. Toen de eerste gangen weer waren opgehaald werd er
een vlam aangestoken onder schaaltje met water wat ieder bij zich had staan. Er
werd een schaal gebracht met sla, uien en 1 champignon en een stuk tofu. Het was
de bedoeling dat je dit in het water deed, kookte en dan met een beetje sojasaus
opat. Er was nog een sausje bij, maar deze had een vissmaak en was voor mij dus
geen optie. We hebben hier wel wat van genomen, maar het was volledig smaakloos,
zelfs met sausje had het nog steeds geen smaak. Na dus bijna niets gegeten te
hebben gingen we weer weg bij het diner en namen nog een koffie en een thee in
de lobby. Hiervoor hadden we een gratis kaartje gehad. We zijn naar de kamer
gegaan en hebben alles voorbereid voor de lange rit die ons de andere dag
wachtte. Ik had nog twee broodjes en die heb ik dan maar op gegeten. Deze avond
gingen we met honger naar bed. We zouden maatregelen daartegen treffen hadden we
afgesproken.
Zaterdag
14 Juni 2008
Vanmorgen
om 06:30 ging de wekker af en we knapten ons snel op en om 07:30 gingen we aan
het ontbijt in ons kamertje in het restaurant gedeelte. Na het ontbijt zijn we
gaan uitchecken en vervolgens reed de shuttlebus van het hotel voor en we
mochten instappen. De schuifdeur werd achter ons dichtgedaan en een jong meisje
en een oude vrouw van de receptie kwamen ons uitzwaaien en zij stonden naast het
busje ons in het Japans tot ziens te wensen en goede reis en bukten heel diep en
bleven dit doen totdat het busje wegreed. We waren in vijf minuten op het
station en liepen naar de ticketsbalie. Ik wilde kaartjes kopen volgens het
reisschema wat we opgekregen hadden van onze reisorganisatie voor vertrek
om09:15. Het meisje achter de balie vertelde dat, omdat het Zaterdag was, deze
bus niet reed en dat de eerste nu pas kwam om 10:08. Dus daar kochten we de
kaartjes dan maar voor. We hadden dus nog een uur wachttijd op dit station met
onze twee grote koffers die niet in de op elk station aanwezige lockers pasten
zodat je ze steeds bij je moest houden. We zaten in de wachtruimte met onze
koffers en A-M bleef daar terwijl ik naar een supermarktje liep en wat etenswaar
en drinkgelach insloeg voor onderweg. Precies om 10:08 vertrok de bus en drie
kwartier later kwamen we aan bij de bushalte in Isawa Onsen. Ons reisschema
vermelde alleen dat we in Isawa Onsen de trein moesten nemen, maar vermelde niet
dat we ook daarvoor nog eerst eens 15 minuten met de koffers achter ons aan in
30graden over de trottoirs naar het treinstation moesten lopen. Wij hadden aan
de hand van het schema dat we gekregen hadden aangenomen dat de bushalte wel bij
het treinstation zou zijn. Dat was een lelijke tegenvaller. A-M had het heel erg
zwaar hiermee en kwam goed bezweet aan op het treinstation van Iasawa Onsen. Ik
vroeg hier inmiddels aan de ticketbalie een kaartje voor de trein naar Matsumoto
en de man liep mee naar een ticketmachine en legde uit waar we wat in moesten
gooien en waar we op moesten drukken en zie de kaartjes hadden we. Hij ging toen
weer weg en toen hebben we weer in de rij moeten staan voor de ticketbalie om te
vragen van welk perron de trein vertrok. Dat was het dichtstbijzijnde perron en
dat was dus makkelijk. We moesten ook nog eens overstappen in het plaatsje Kofu.
De trein ging pas over drie kwartier weg en dus hebben we drie kwartier op het
perron zitten wachten. Om 12:09 vertrok onze trein met ons aan boord en 7
minuten later konden we er alweer uit op het station van Kofu. Hier zou onze
trein naar Matsumoto pas om 12:32 vertrekken en dus konden we weer een kwartier
gaan zitten wachten. Ook deze trein was weer stipt op tijd en vertrok met ons
aan boord. Toen de trein net weg was kwam er een conductrice langs en wij lieten
haar onze kaartjes zien en zij begon in het Japans tegen ons te brabbelen en ik
dacht te begrijpen dat we niet goed zaten. Maar ze kon niet met ons communiceren
omdat ze geen Engels sprak, dus na een tijdje tevergeefs in het Japans tegen ons
aan gepraat te hebben gaf ze het op en liep maar door. Om 13:46 kwamen wij aan
in Matsumoto en hier moesten wij weer overstappen. Ik ging informeren en werd
verwezen naar spoor 7 en we liepen hier heen en dit was inderdaad de
Kamikochi-line. We stapten in en wachtten totdat de trein vertrok. De trein
vertrok en de bergen die bij vertrek nog klein aan de horizon lagen kwamen snel
dichterbij en groeiden en groeiden. Toen we eindelijk bij de eindhalte van de
trein in Shin Shimashima aankwamen bleek dit al een bergdorp te zijn. We stapten
uit en betaalden hier in 1 keer een totaalprijs voor de trein vanuit Matsumoto
en voor de busreis naar Kamikochi. De bus zou hiervandaan om 15:25 vertrekken en
we hadden dus nog ruim een half uur ons te vermaken op dit station van niks.
Maar, stipt op tijd zoals altijd in Japan reed de bus weg met ons erin. De bus
slingerde zichzelf omhoog door een steeds mooier wordend berglandschap. Dit was
heel toevallig de Alpico bus. We reden door enorm veel tunnels, sommige langer
dan 4Km en het leek er dan ook op dat de Japanners liever een tunnel door een
berg groeven dan een stukje pas aan te leggen. Het viel gewoon op dat sommige
stukken weg voor het grootste deel uit tunnels bestond. Onderweg werden de dalen
steeds smaller en de bergen hoger en het leek erg veel op Oostenrijk en
Zwitserland en A-M zei dat ze zich hier thuis voelde. Bij het binnenrijden van
Kamikochi passeerden we een groep apen die op de weg zaten en waarschijnlijk
zaten te bedelen om eten van voorbijgangers. We keken er van op, want dat hadden
we hier niet verwacht. We hebben ze ook niet meer terug gezien. We kwamen aan
bij de busterminal van Kamikochi om 16:45 na een lange reisdag en we waren
aardig moe en verreisd. Doordat de reisorganisatie van ons waarschijnlijk niet
goed gezien had dat de bussen op Zaterdag ruim een uur later vertrokken vanuit
Kawaguchi-Ko hadden we op hun oorspronkelijke reisschema twee uur en drie
kwartier vertraging opgelopen en i.p.v. de door hun geprognosticeerde 14:04 dus
pas om 16:45 aangekomen. We liepen met onze zware koffers rollend achter ons aan
om de busterminal heen naar het grindpad wat hier vandaan naar de hangbrug liep
waar we over moesten. Dit rolde erg zwaar en het was een heel gesjor zo met de
zware koffers achter ons aan. A-M had het erg zwaar en op een gegeven moment nam
ik haar koffer er maar bij en liep met twee koffers en mijn rugzak op mijn rug
als een soort pakpaard de koffers voort te zeulen. Na een tijdje bereikten we de
brug en gelukkig was hier een invalidenopgang waarover we de koffers de brug op
konden trekken. Op de brug hebben we nog wat foto’s gemaakt van het erg mooie
landschap hier. De omringende bergen waren besneeuwd. Aan de andere kant van de
brug was het pad nog veel erger en hier lagen grote kiezels waar de koffers
bijna niet meer op wilden rijden. Met alle kracht moesten we de koffers hier
achter ons aan zeulen. A-M moest hier haar koffer zelf sjorren. Het was te zwaar
om er twee te nemen voor mij hier. A-M werd met elke stap moeier en moeier en
redde het bijna niet meer. De koffers stuiterden en hotsten achter ons over het
kiezelpad. Uiteindelijk bereikten we het Alpen Hotel en er was nog een stijl
stukje en toen ik mijn koffer boven had heb ik gauw die van A-M overgepakt en
het laatste stukje naar boven gebracht. We liepen de lobby in en checkten ons
in. We kregen onze kamer op de bovenste en derde verdieping en gingen er
naartoe. Het was een mooie kamer en dit keer geen aparte slaapkamer. In de kamer
met tatami matten stond een tafeltje in het midden en elke avond als je aan het
eten bent zetten ze dan hier in Japan de tafel aan de kant en leggen je fouton
matrassen neer en maken je bed op. Na het neerzetten van de koffers op de kamer
zijn we gelijk weer naar buiten gegaan en liepen naar de hangbrug waar het hele
kleine stukje centrum hier was. Het was hier geen dorp te noemen, het waren hier
een aantal hotels bij een hangbrug met wat winkeltjes en dat is eigenlijk alles
wat hier was. De winkels aan de kant van ons hotel van de hangbrug waren juist
aan het sluiten en we staken de hangbrug over en gingen de winkel die hier was
binnen. We kochten hier kaarten. We liepen nog verder naar het busstation, maar
daar was inmiddels alles al dicht. We zijn toen op ons gemak terug gelopen naar
het hotel. Ik had mijn korte broek de hele dag aan gehad en kleedde me om en
trok mijn lange broek aan. We liepen hierna even naar de lobby van het hotel en
legden uit dat wij geen vis aten en ook geen zeewier. Even later liepen we het
restaurant in en namen plaats aan onze tafel. We kregen dit keer een heerlijke
maaltijd op de traditionele Japanse wijze, maar zonder vis en zeewier. We kregen
daar i.p.v. veel vlees en groente. Het smaakte ons prima. Na het eten gingen we
terug naar de kamer om ons te wassen bij de kraan. In dit hotel waren geen
douches op de kamer. Er waren hier wasruimtes voor mannen en vrouwen en dan
moest je jezelf daar douchen gezamenlijk met andere mannen of vrouwen in het
geval van A-M en daar hadden we geen van beiden zin in en kozen er dus maar voor
om ons maar bij de wastafel te wassen op de kamer. We schreven onze postkaarten
en gingen vervolgens slapen.
Zondag
15 Juni 2008
Vanochtend
zijn we om 06:45 opgestaan en hebben ons snel opgefrist en zijn om 07:30 aan het
ontbijt gegaan. Dit was een westers ontbijt met roerei en getoast brood. Na het
ontbijt zijn we naar onze kamer gegaan en hebben onze rugzak ingepakt. Ik begon
hevige maagpijn te krijgen die kwam en ging in golven. Het was heel erg
pijnlijk. We liepen het hotel uit, staken de hangbrug over en liepen naar het
postkantoor en wachtten eventjes totdat deze openging. We werden heel erg
gedienstig en vriendelijk geholpen door de postbeambte, kochten onze postzegels
bij hem en lieten de kaarten bij hem achter. We bedankten hem en we lieten de
diep buigende postbeambte achter ons en vertrokken. We kochten bij een winkeltje
wat broodjes voor onderweg. We staken de hangbrug weer over en sloegen het pad
in dat langs de rivier liep met de inmiddels vele Japanners die hier liepen. De
Japanners hadden zich op alles voorbereid en waren gekleed als professionele
bergwandelaars in Oostenrijk met bergschoenen en van die broeken die
dichtgeknoopt worden op de kuiten, maar het vreemde was dat ze niet verder
gingen dan een pad langs de rivier en geen enkel bergpad bewandelden, daar zagen
we ze niet meer. De maagpijn die ik had ging niet weg en bleef zelfs na het
innemen van een pijnstiller. Het pad ging op een gegeven moment over in vlonders
waar je over moest lopen en het gebied werd een soort van moerasgebied of delta.
Het was hier erg mooi en er waren allemaal mooie bloemen langs het pad, die
overigens niet geplant waren maar spontaan hier groeiden. Het was hier allemaal
erg fotogeniek en we leefden ons hiermee dan ook uit. Op een gegeven moment
kwamen we aan bij een heel mooi stukje en gingen met onze benen bungelend boven
het water een tijdje op een vlonder zitten genieten van de natuur om ons heen.
Na een tijdje liepen we verder en kwamen bij een pad die van het hoofdpad af
ging en recht tegen de berg omhoog liep. Wij sloegen dit pad als enige in en de
Japanners bleven allemaal beneden langs de rivier wandelen. Van meet af aan
steeg het pad flink en het was een pittige bergwandeling en hier hadden we al
een tijdje naar uit gekeken en vonden het prachtig zo door de dichte bossen
omhoog tegen de berg op te klimmen. A-M had het erg zwaar met het klimmen. Ik
was erg fit en klom makkelijk, maar had erg last van de hevige maagpijn die maar
niet weg wilde gaan. Elke keer liep ik erg ver op A-M uit en wachtte steeds op
haar en moest soms wel vijf minuten wachten totdat ze zwaar hijgend en bezweet
eraan kwam gestrompeld. Ik had nog geen druppel gezweet en we kwamen beiden tot
de conclusie dat het wel heel erg slecht gesteld was met de conditie van A-M. We
klommen door en kwamen uit op een richel met benden ons grote sneeuwplekken. We
daalden iets, liepen tussen en over de sneeuwplekken en wederom begon het pad
weer flink te stijgen. Na een hele tijd gelopen te hebben kwamen we uit aan de
rand van een gletsjermorene, een plaats waar een gletsjer geweest was, maar nu
alleen nog maar een grote berg met losse keien lag. Hier moesten we nu overheen
klauteren. Op een gegeven moment gaf A-M een schreeuw en ik zag een polsdikke
groene slang van zo’n 2 meter dwars over het pad glijden. We bleven stilstaan
en de slang bleef naast het pad ook liggen en we keken elkaar aan, de slang en
wij. We zetten de slang natuurlijk op de foto en liepen verder. Na nog een
tijdje geklommen te hebben kwamen we tot de conclusie dat als we doorliepen we
niet veel meer te zien zouden krijgen dan het punt waar we nu waren en
klauterden naar het midden van de gletsjermorene, waar een Japanner foto’s
stond te maken met zijn camera op statief. Hier gingen we zitten en van het
uitzicht genieten. We maakten foto’s genoten van de natuur en het weidse
uitzicht hier en diep beneden ons zagen we in het dal de hangbrug over de
rivier. Na een tijdje stonden we op en daalden weer af via hetzelfde pad naar
beneden. Na 1,5 uur waren we weer terug bij het hoofdpad en liepen op ons gemak
terug naar ons hotel. Ik had nog steeds erg maagpijn en ook hoofdpijn. We
besloten rust te gaan houden op de kamer en A-M maakte de bedden op die
natuurlijk weg gehaald waren. Ik ging liggen slapen, maar de maagpijn wilde niet
weggaan. Om 15:30 werden we wakker en ik had nog steeds pijn. Ook had ik het
koud en voelde warm. A-M ging nog een stukje lopen een ik bleef op de kamer. Ze
heeft een stuk gelopen en kwam na een tijdje weer terug. Inmiddels was het
buiten bewolkt geraakt en was het koeler aan het worden. Ik moest af en toe
overgeven en bleef pijn houden. A-M zou alleen gaan eten. Ik liep met haar mee
naar het restaurant en liep toen zij zat weer terug naar de kamer. Hier liep ik
in bij drie mensen die onze kamer aan het schoonmaken waren en met
verontschuldigingen het gauw afmaakten en vertrokken. Na een tijdje kwam A-M
terug van het diner en we wasten ons en gingen slapen.
Maandag 16 Juni 2008
Vanmorgen al om 06:45 op om de reis van Kamikochi naar Shin Hotaka te maken. Elke ochtend moet ik altijd een glas CallMagD innemen en 4 pillen slikken. Hier deed ik dat met cola omdat met water simpelweg kokhalsneigingen met zich mee brengt. Zo vies is de CallMagD. Het ging helemaal goed en de maagpijn was helemaal over gelukkig. Om 07:15 gingen we aan het ontbijt en we kregen een lekker dubbel gebakken ei en daar konden we lekker onze toast in dopen die we erbij gekregen hadden, heerlijk. Om 07:45 liepen we met onze koffer over het groffe grindpad richting het busstation. Daar deden we ongeveer een kwartier over. Bij een van de winkeltjes bij het busstation haalde we wat zoete broodjes voor de lunch en hierna kocht een we het kaartje voor Hirayu Onsen. De bus zou vertrekken om 08:30 en we wachten op een van de bankjes die hier waren totdat het tijd was. Terwijl we aan het wachten waren parkeerde een bus op het parkeerterrein nog even tegen een hele mooie grote auto en we konden diverse mensen zien die ernaar gingen lopen kijken. Het bleek allemaal mee te vallen een iedereen ging zijn ding weer doen. Toen de bus kwam konden we gelukkig de koffers onderin de bus zetten en hoefden we ze niet mee de bus in te slepen. Precies op tijd 08:30 reed de bus weg en een mooie rit door de bergen en soms wel meer dan 4Km lange tunnels volgde. We kwamen aan in Hirayu om 08:55 en hier kochten we de kaartjes voor de Nouhi bus richting Shin Hotaka. Wij moesten er onderweg uit bij Nakao Gogenguchi en dit was een bushalte langs de weg Naar Shin Hotaka. We hadden nog bijna drie kwartier wachttijd tot vertrek en er was hier een hele grote winkel met allemaal special lunchboxes en aparte koekjes en een heleboel slobberdingen (inmiddels is het woord slobberen erin gekomen bij ons, wij vonden al het eten hier slobber). Precies om 09:40 vertrok de bus vanuit Hirayu en dit keer moesten de koffers mee de bus in gezeuld worden. We mochten ze wel op de banken leggen, daar er buiten ons toch maar 3 andere mensen meereden. We kozen ieder een bank en gingen van de rit door de bergen genieten. A-M heeft nog voor mekaar proberen te boxen bij de chauffeur die geen woord Engels sprak, dat hij ons zou waarschuwen als we bij de bushalte kwamen. Gelukkig toen het eenmaal zo was waarschuwde hij ons ook netjes. Even sjorren en zeulen om de loodzware koffers weer uit de bus te krijgen en we stonden in de hitte op het asfalt. We pakten ons kaartje erbij en keken hoe we moesten lopen.Inmiddels werd ik er heel goed in om symbolen te vergelijken tussen borden en ons papier waar ook alles in het Japans op stond en zo kon ik bepalen bij een bord dat we de goede kant opliepen. We staken hier de brug over de rivier over en sloegen rechtsaf een weg in die omhoog liep. De koffers achter ons aan zeulend trokken wij deze over de gelukkig goed geasfalteerde weg in een minuut of 10 naar ons hotel RyokanYamirikan. We gingen de Ryokan binnen en verrasten daar een klein mannetje in blauw gewaad aan de balie. We mochten pas om 14:00 inchecken. We mochten wel de koffers laten staan en hij nam ze in en deed er labels aan. Hij gaf ons wat kaarten een deed ons een tip aan de hand voor een wandeling. We liepen met kaart die hij ons gaf de Ryokan weer uit en liepen de brug weer over en sloegen de weg in die hier vandaan tegen de berg opliep. We moesten wel over de weg lopen, want er was hier nergens een pad. We namen al lopend een aantal haarspeldbochten en kwamen uit bij een uitzichtpunt over een zijdal en namen hier wat foto’s. We liepen verder en kwamen een huisje tegen dat volkomen begroeid was met hangplanten en er waren overal bloemen. Het was een theehuisje. We gingen hier zitten en probeerden aan de dame die kwam duidelijk te maken dat we een kop koffie en een frisdrank wilde. Blijkbaar had ze dit niet goed begrepen, want ze kwam terug met twee glazen water en 1 glas frisdrank, wat volgens A-M zo ongeveer karvan cevitan was, maar wel lekker. We dronken hier de frisdrank en het water op ons gemak op en gingen al wandelend door het bergdorp wat hier was. We kochten in een winkeltje wat te drinken en liepen verder tot we bij een splitsing kwamen. We overlegden even wat te doen en sloegen hier linksaf en liepen de weg die flink begon te stijgen vanaf hier in. Na heel wat bochten van de weg verder begonnen we toch sterk te twijfelen en in een bocht stond iemand geparkeerd en aan hem vroegen we of hij even aan wilde wijzen op de kaart waar we waren. We liepen verder en kwamen bij een brug hoog boven een rivier uit en liepen deze over. Aan de rechterkant van de brug was een rivier te zien die in meerdere watervallen hier naar beneden kwam zetten. Aan de linker kant van de brug had je een weids uitzicht. Aan de overkant van de brug kwamen we bij een parkeerplaats waar ook een prieeltje was waar je kon picknicken. Deze was voor ons. Hier gingen we al genietend van het uitzicht op de besneeuwde toppen van de bergen onze lunch gebruiken. Op het kaartje wat we gehad hadden stond een wandelpad door de bossen aangegeven die vanaf dit punt begon en we zijn deze op gelopen. Het begin was een goed aangelegd pad en we liepen verder. Na een tijdje bleek het pad op te houden een was er van alles overheen gegroeid en het pad was als pad volledig verdwenen. We konden er met moeite nog net een pad uit halen. Ik baande de weg voorop en A-M volgde. Het pad werd steeds moeilijker begaanbaar en A-M begon te klagen over spinnen en slangen en angst voor het onbekende. Ik bleef maar doorlopen want terug gaan was ook geen optie vond ik, en zo moest ze wel blijven volgen en dat deed ze dan ook. Na moeizaam over takken stappend en bosjes opzei duwend hier een hele tijd over gedaan te hebben kwamen we weer uit op de weg en gingen deze weer volgen. We volgden deze door een aantal haarspeldbochten en uiteindelijk kwam en we weer op de doorgaande weg uit en volgde deze tot aan de eerste brug. We liep deze eerste brug op en zagen beneden ons een warm bad met naakte vrouwen en mannen erin. Dit was nu een van de onsen die hier heel veel zijn. Wij liepen terug naar de Ryokan en melden ons aan bij de balie. Een aardige vrouw nam ons mee naar een aparte kennismakingsruimte en zij schonk thee voor ons in en we kregen een lekkernij wat bestond uit een gevuld zoet deegrolletje. Hierna kwam het grappige kleine blauwe mannetje afspraken met ons maken over eet en vertrektijden en hij legde uit dat er verwacht werd dat we kimono droegen in de Ryokan. We gingen hierna naar onze kamer. A-M zocht de was bij elkaar en liep hiermee naar de receptie waar de grappige kleine man haar meenam naar een wasmachine. Ze deed onze eerste was erin en kwam terug naar de kamer. We hebben op onze kamer hier wel een toilet, maar geen douche. Het is de bedoeling dat je jezelf hier douchet in de centrale wasruimtes. Er is er een voor mannen en een voor vrouwen. We trokken onze kimono’s aan en pakten onze spullen en liepen naar de wasruimtes toe. Je komt dan in een centrale hoofdhal waar je je slippers moet achterlaten en dan is er een ruimte met een blauw doek ervoor en een ruimte met een rood doek ervoor. De blauwe ruimte is voor mannen en de rode ruimte is voor vrouwen. We liepen elk onze ruimte binnen en waren hier gelukkig volledig alleen. Je moet je hier dan grondig wassen en dat deed ik dan ook maar. Vervolgens was hier een bad waar de rook vanaf kwam. Het water hier in de Ryokan komt recht van een bron in de bergen en is opgeboord en deze Ryokan staat bekend als een heilzame spa. Het water is 65,9 graden Celsius. Ik stapte in het bad en het voelt bijna of je jezelf verbrand aan het hete water. Ik bleef er maar kort in en droogde me af. Vervolgens trok ik mijn Kimono weer aan en liep in mijn jurk het rotspad af naar een van de privé onzen die hier waren. Je hebt hier vier privé onzen wat hete grote baden zijn waar je kan loungen. Je hebt hier onzen voor gemend mannen en vrouwen, voor mannen en vrouwen apart en zelfs een voetenbadje onzen. Ik koos een privé onzen uit en kleedde me uit en klom erin. Het was bloedheet. Deze onzen keek uit over de rivier en dat was best wel leuk om zo vanuit je bad over de rivier te kijken die voor je langs raasde. Ik bleef erin totdat A-M terugkwam van de waszaken die ze aan het regelen was tussendoor een heb nog even kort met haar erin gezeten. Toen vonden we heet allebei wel genoeg en hebben ons afgedroogd een zijn naar de kamer gegaan. Op de kamer terug probeerde ik mijn laptop nog even en zowaar na drie keer niet te willen starten zoals al de hele tijd sinds Tokyo, startte hij deze keer gelukkig door en ik begon in een razend tempo onze vakantiefoto’s te kopiëren naar een geheugenkaart. We hadden ze weer terug en we waren helemaal gelukkig. De laptop leek het weer te doen en onze foto’s waren nu gered. Ik ging gelijk wat zaken regelen op de laptop. Internet hadden ze hier niet, dus daar kon ik voorlopig niets meer mee. We kon ik de verslagen die ik t/m nu met de hand geschreven had nu bijwerken in het verslag. We rommelden wat aan en A-M ging meerdere keren kijken bij de was toen om 18:00 de telefoon ging en verteld werd dat we verwacht werden voor diner. We liepen naar de frontdesk en volgden de jongen die ons naar ons privékamertje bracht en we namen plaats. Dit keer geen gat in de grond, hier moest je in kleermakerszit zitten en dat ging ons niet best af. We gingen maar zijwaarts zitten en aten op die manier. De tafel stond weer prachtig gedekt met een pannetje wat kookte en waar vlees in zat in een soort witte melkachtige saus. Dit was weer een Japanse specialiteit zoals ons uitgelegd werd door een meisje wat ons eten kwam brengen. We hadden ook een grote schaal gebakken vlees een die heb ik alleen opgegeten daar A/M geen vlees wilde. Verder waren er weer een aantal slobberdingen die we lieten staan. Ook was er pasta die wel lekker was en die namen we dan ook. Aan het eind kregen we wat fruit en vervolgens liepen we weer terug naar de kamer. Hier rommelden we nog wat rond en we zijn op een gegeven moment nog naar een onzen gegaan en zijn nog even samen in een van de bloedhete baden gaan zitten. We bleven hier even, droogden ons af en gingen naar de kamer terug voor een rozige nachtrust.
Dinsdag 17 Juni 2008
Vanmorgen om 07:00 opgestaan en we hadden ontbijt om
08:00. We waren netjes op tijd bij de frontdesk en werden naar ons kamertje
gebracht. We namen plaats en de tafel was al deels gedekt. We zagen dat we hier
traditioneel Japans ontbijt zouden krijgen en dat is slobber. Gevolg daarvan was
dat we hier bijna tot niets van gegeten hadden. De serveerster sprak redelijk
Engels en vroeg waarom wij het niet aten. Wij legden uit dat wij dit niet gewend
waren en niet lustten naar eerlijkheid. Zij stelde voor dat wij morgenochtend
toast met jam zouden krijgen en wij bedankten haar hartelijk. Het is niet zo dat
we te beroerd zijn om van dingen te proeven over het algemeen, maar het meeste
wat we hier voorgeschoteld krijgen is naar onze maatstaven gewoon oneetbaar. Het
zijn vaak 9 van de 10 keer slobber en slijmerige dingen in gelei of smurrie. In
bijna alles wordt zeewier gebruikt en dat eet ik sowieso al niet en dan blijven
er voor Japanse maaltijden niet veel opties over. Op de kamer aten we dan maar
weer een paar zoete bollen die we als beschermingsmaatregel maar vast bij ons
hadden en dit keer dus met recht. Om 09:00 was er een festiviteit waarvan we
gevraagd waren om bij te wonen. Dit was bij de frontdesk. We waren er stipt op
tijd en er werd een grote stenen kom op een houten stellage neergezet en hierin
werd een speciale soort gekookte rijst gedaan. Vervolgens begon een medewerker
van het hotel met een hele grote houten hamer dit te mengen door de rijst in de
kom te wrijven en steeds terwijl hij dat deed ook rondjes rond te kom te lopen.
Toen de substantie inmiddels een soort grote deegbal geworden was begon hij met
de hamer met fikse slagen op de deegbal te rammen. Tussen elke slag in draaide
een andere medewerkster van het hotel de deegbal snel. Zo bleef hij een hele
tijd staan rammen op de deegbal. Op een gegeven moment werden de kijkers
uitgenodigd om met de hamer de deegbal te rammen en nadat er 3 mensen voor mij
gegaan waren was ik aan de beurt. Als enige westerling in dit hotel wist ik van
tevoren wel dat ik er niet onderuit zou komen aan mijn beurt. Ik nam de hamer
aan en ramde een aantal keer met de hamer op de deegbal. Het ging allemaal met
een gejuich bij iedere slagbeurt(was bij iedereen zo) en ook telde ze de slagen
af en na een bepaald aantal slagen was je beurt klaar. Ik gaf de hamer weer af
en de volgende was aan de beurt, maar ik merkte wel dat het wel heel wat was dat
die westerling hieraan meedeed. Een van de kijkende Japanners was me vriendelijk
aan het toelachen en toespreken, echter verstond ik er natuurlijk weer geen bal
van. Ik ging even op een bankje zitten en kijken naar de anderen die aan het
slaan waren en even later was de deegbal gereed bevonden en werden er allemaal
kleine balletjes van af getrokken en op een kartonnetje gedaan met een prikker
en wie wilde kon krijgen. De aanwezige vrouwen waren A-M aan het toespreken dat
ze ook moest nemen en dat het een hele traktatie was en vroegen waar ze vandaan
kwam en waren heel erg met haar bezig en vonden het erg leuk dat we erbij waren
en lieten dit duidelijk merken Dus A-M kreeg ook een bordje met twee ballen
aangereikt en die kon je dan met twee aanwezige sausjes eten. Ze at het en
walgde ervan zo smerig was het, maar dat kon ze niet laten merken natuurlijk,
dus ze at dapper door. Ik had nog niet gehad en werd ineens op mijn schouder
getikt door de Japanner die me net zo vriendelijk had toegesproken en hij nam me
mee naar buiten voor de hoofdingang voor het hotel. Daar stonden zijn vrouw en
vrienden te wachten en de bedoeling was dat ik met hun op de foto ging voor het
hotel. Dat deed ik dan maar en ik stond daar tussen zijn vrouw en hun twee
vrienden in en hij maakte de foto. Vervolgens wilde hij dat ik van hun ook een
foto maakte en dat deed ik dan ook braaf. Ze bedankten me heel hartelijk en ik
ging weer naar binnen. Waarschijnlijk had ik indruk op hun gemaakt met het
deegrammen. A-M kreeg nog een plastic zakje mee met extra deegballen om mee te
nemen. We liepen naar de kamer en onderweg zei ze dat we dit gelijk zouden
weggooien als we daar de kans voor hadden. We zouden het in de rugzak mee het
hotel uit nemen. We pakten onze spullen en liepen naar de frontdesk en vertelde
de aanwezige jongen daar dat we afgesproken hadden met Mr. Suzuki dat hij ons
naar het kabelbaanstation zou brengen. De jongen liep even naar achteren en
bijna gelijk kwam er een andere jongen aanlopen die ons meenam naar een toyota
busje buiten en hij liet ons instappen en reed ons naar het kabelbaanstation
toe. We kochten hier wat chips en koekjes en een kaartje voor de kabelbaan en
gingen zitten wachten totdat deze vertrok. Na even wachten mochten we instappen
een even later zoefde deze cabine ook weer omhoog tegen de berg op. We gingen
hoger en hoger en kwamen na een tijdje aan bij het tussenstation en stapten hier
uit. We liepen naar buiten en 100 meter verder was het station voor het tweede
stuk en we liepen hier naartoe. Eenmaal binnen was hier weer een kabelbaan en
deze cabine was er een met twee verdiepingen, je kon zowel boven als beneden in
de cabine staan. Wij gingen boven erin en de cabine vertrok weer snel. We kwamen
op dit tweede stuk snel heel hoog en de cabine bracht ons naar een hoogte van
2156meter. Het bovenstation hier heette Nishihodakaguchi (10x snel achter elkaar
uitspreken en je hebt mondkramp). We liepen na aankomst het uitkijkplatform op
en kregen een prachtig uitzicht over de besneeuwde toppen om ons heen. De
hoogste berg die hiervandaan te zien was heet Mount Okuhotakadake en hij is
3190meter hoog. De overige bergen lagen voornamelijk rond de 2800 a 2900meter
hoogte. Er waren hiervandaan drie bergen boven de 3000meter te zien. Het
panorama was erg mooi en weids hier. We namen natuurlijk veel foto’s en film.
Hierna liepen we het station uit en er was hier een wandelroute uitgezet en die
sloegen we op. Vrijwel vanaf het begin dat we begonnen te lopen lagen er over
het pad steeds grote plakken sneeuw die al hard aan het smelten waren en je
moest hier heel goed kijken waar je liep anders zakte je er doorheen. Er waren
meer dan genoeg plekken te zien waar voorgangers dit lot al ondergaan hadden.
Het was allemaal erg nat en modderig en moeilijk begaanbaar door de sneeuw.
We liepen verder en geen enkele Japanner volgde ons en het werd stiller
en stiller om ons heen, enkel het geluid van de bomen en de vogels bleef over.
We stegen en daalden en zagen het huisje op de andere heuvelrug waar dit pad toe
zou leiden en zagen ook dat die helling bezaaid was met sneeuw plekken en dat we
nooit dat zouden halen omdat elke sneeuwmassa oversteken heel veel tijd kostte.
Jammer eigenlijk want als je bij dit huisje zou zijn en daar aan de andere kant
van die heuvel het dal in zou kijken zou je Kamikochi kunnen zien liggen waar
ons vorige hotel was. Nu zouden we dit niet te zien krijgen. We liepen nog een
hele tijd totdat we besloten terug te gaan en liepen terug naar het
kabelbaanstation. Niet lang voordat je daar bent kom je bij een picknickplaats
uit en hier hebben we wat zitten eten en drinken in het zonnetje. Hier zaten ook
een viertal Japanners die natuurlijk vroegen waar we vandaan kwamen. We kregen
van een van deze vrouwen ieder drie koekjes die erg lekker waren. Zij vertrokken
even later een wij bleven nog een tijdje. Op een gegeven moment zei A-M dat ze
haar schoenen met sneeuw schoon zou gaan maken en liep een stuk weg. Ik zag haar
een stuk beneden mij aan de gang in de sneeuw en lette er een tijdje niet op. Op
een gegeven moment vond ik dat ze daar toch wel wat lang aan het scharrelen was
en ik liep naar haar toe. Ik kreeg een brede grijns op mijn gezicht toen ik zag
wat ze aan het doen was. Ze was een klein sneeuwpopje aan het samenstellen. De
pop stond er al toen ik kwam met ogen en een neus en nu was ze een mond aan het
zoeken. Even later stond het popje er dan ook helemaal. Ze pakte twee bladeren
en zette deze er op en ineens was het een sneeuwkonijn geworden. We lieten de
sneeuwpop staan, A-M poseerde er nog even bij voor een foto en liepen vervolgens
naar het station. Hier aangekomen troffen we een wasplaats aan waar je je
schoenen kon wassen en dat deden we dus ook. Vervolgens namen we de kabelbaan
weer naar beneden. Beneden trokken we nog wat drinken uit de automaat en liepen
naar de busstopplaats en de bus zou gelijk vertrekken en we stapten snel in. A-M
wilde nog wat flesjes water erbij hebben een ik ging die halen. Ik liep snel
naar de automaten die hier ook stonden en trok de flesjes. Terwijl ik naar de
automaten liep startte de bus en blijkbaar hebben ze op mij staan wachten, dit
hoorde ik toen ik met de flesjes terug was in de bus. We reden weg en wij
stapten even later alweer uit bij onze bushalte een betaalden de chauffeur. We
liepen terug naar ons hotel en namen lekker rust.
In de middag gingen we ons wassen in de wasruimte.
A-M bij de vrouwen en ik bij de mannen. Toen ik me een tijdje stond te wassen
kwam er een andere man binnen en die begon zichzelf ook te wassen, hij keek niet
op of om. Toen ik klaar was droogde ik mij af en liep naar een van de onsen en
ging lekker in het 65graden+ warme water zitten en zat hier nog in toen A-M zich
bij mij voegde. Ik ging lekker een boek lezen en zo hebben we hier gezellig in
de onsen met zicht op de rivier een tijd door gebracht. Op een gegeven moment
ben je rozig en ben je het zat en toen ben ik weer naar de kamer gegaan. Er is
ook een voetenbaadje en hier ging A-M bij zitten en ging een boek lezen. Ik ben
met de laptop op de kamer aan de gang gegaan en begon de eerder op papier
geschreven dagen reisverslag in te vullen in de laptop. Ik had twee dagen
verwerkt toen A-M weer binnen kwam. We hebben lekker gewacht totdat het tijd was
voor het avond eten en precies om 18:00 werden we gebeld dat ons diner klaar
stond een we liepen naar het restaurant en namen plaats in dit keer een open
grote ruimte waar meerdere tafels en mensen waren. Dit keer was er veel vlees,
maar minder dingen die A-M lekker vond. Ik heb mijn buikje vol gegeten en A-M
mocht zelfs mijn dessert hebben wat sorbetijs was. Hierna zijn we naar de kamer
gegaan en ik ben het verslag van deze dag gaan schrijven. Nu ik klaar ben met
dit verslag gaan we nog even kort een onsen in en dan slapen, want morgen hebben
we weer een verplaatsing naar Ogimachi.
Woensdag 18 Juni 2008
Vandaag was het om 06:30 opstaan voor ons. Als eerste
ben ik naar de weegschaal gegaan in de mannenwasruimte. Hier staat een digitale
weegschaal en ik was benieuwd hoe het ermee stond. Even aantikken en wachten tot
hij op nul staat en erop. Eerst gaf hij 102 aan, ik schrok. Maar dat was van het
erop staan. Even stil blijven staan en hij ging naar 99,8. Maar helaas
stabiliseerde hij op 100Kg rond. Wat toch betekent dat ik sinds vertrek al 3
kilo ben afgevallen. Ik hoop als ik terug kom minder dan 100 te wegen, maar dat
zal wel niet lukken. Om 07:30 gingen we aan het ontbijt en deze keer hadden ze
voor ons brood verzorgd met jam wat wij met smaak opaten. Na het ontbijt haalden
wij onze koffers van onze kamer en reden naar de receptie en betaalden onze
verbruikte items e.d. Mr Suzuki was er weer en hij reed ons naar het busstation
van Shin Hotaka. We bedankten hem hartelijk voor alles en wachtten braaf totdat
de bus vertrok, wat niet veel later was. We reden met de bus weer terug naar
Hirayu waar we al eerder op de bus hadden staan wachten op de heenweg naar Shin
Hotaka. Hier mochten we deze keer blijven zitten, want deze bus reed verder naar
Takayama. Tegen half elf kwamen we aan in Takayama en kochten hier kaartjes voor
de 21e wanneer we weer vertrekken vanuit Takayama. Ook kochten we het
kaartje voor de trip naar Ogimachi Shirakawago. In het supermarktje aan de
overkant van de busterminal deden we even inkopen en wachtten totdat de bus zou
vertrekken. Precies om 11:10 vertrok de bus natuurlijk stipt op tijd, dat is
iets waar je hier blind vanuit kunt gaan. We reden onderweg een hele tijd langs
een enorm lang stuwmeer en toen we deze niet lang voorbij waren kwamen we aan in
Ogimachi Shirakawago. Het was inmiddels 12:50. We reden onze koffers over de
betonnen hangbrug die aan staalkabels hing en op en neer bewoog naarmate er meer
en meer mensen overheen liepen. Aan de andere kant kwam je het traditionele dorp
binnen door een Tori die hier stond. Gelijk al zo’n vijftig meter verder was
ons hotel Minshuku Koemon. In eerste instantie kon ik niet echt de ingang vinden
en reed er omheen. Aan de achterkant was een gedeelte wat er bewoond uit zag en
ik riep maar hallo om te kijken of er iemand wilde reageren, en dat was zo. Een
meisje kwam de trap af en wees om het huis heen ter indicatie dat we aan de
andere kant moesten zijn. We reden om het huis heen en vonden wederom geen
ingang.. Ik liep maar weer terug totdat A-M zei dat we bij een andere deur
moesten zijn. Ze had geheel gelijk, want toen ik hier hallo riep kwam er een
vrouw aan die ons binnen liet. Ze heette ons niet bepaald vriendelijk welkom en
Liet ons eerst de voucher afgeven en vervolgens ons adres noteren. Toen legde ze
de etenstijden uit en deze stonden vast. Ik probeerde wat emotie uit haar te
krijgen door af en toe tijdens het gesprek haar vriendelijk toe te lachen, maar
dat zat er waarschijnlijk niet in. Ze ging ons voor om ons naar de kamer te
brengen. Ik trok dus de koffer op zijn wieltjes achter mij aan, maar hilariteit
alom, dat mocht niet over haar vloer. De koffers moesten gedragen worden. Wij
tilden onze loodzware koffers dus een meter of tien in de hand naar onze kamer.
Ze kon aan onze reacties wel merken dat we hier niet bepaald blij mee waren.
Later s’avonds hebben we het onder elkaar nog over haar gehad en we waren het
er beiden over eens dat zij een onvriendelijk mens was, dit geheel in
tegenstelling tot wat de reisorganisatie over de eigenaren geschreven had. Het
kamertje stelde niet veel voor, een paar tatami matten en een tafeltje. Dat is
natuurlijk ook prima hoor. Er was geen badkamer en toilet bij de kamer. Maar de
badkamer die er was kon je wel privé gebruiken en ook samen tegelijk als je
wilde en dat deden we dan ook. De toilet was algemeen, maar wel een brandschoon
volelectronisch Japanse wondertoilet met meerdere knopjes. Maar de locatie in
een echt oud Gassho huis midden in het dorpje wat in zijn geheel op de wereld
erfgoedlijst staat was wel erg apart. We legden de koffers op de kamer en
fristen ons een beetje op van de busreis. Vervolgens pakten we onze
cameraspullen en rugzak en stapte de deur uit het dorpje in. Als eerste liepen
we naar de busstop en wachtten daar tot het toeristenbusje ons naar de viewpoint
bracht. Hier heb je vanaf een heuvel in het verlengde van het dorp een prachtig
uitzicht over het dorp en de omringende bergen.
We namen hier wat foto’s, kochten eetstokjes voor
Henk en vervolgens liepen we naar het pad wat hier vandaan ging en gingen dit
volgen. In 6 minuten waren we via dit steil slingerende pad weer op de
hoofdstraat beneden in het dal. We liepen een stukje door de hoofdstraat en
namen wat foto’s her en der. We sloegen een pad wat meer het dorp in ging in
en volgden deze langs al deze erfgoedhuizen. Het zijn huizen met hele dikke
rieten daken. Als er van een huis in het dorp een dak vervangen moet worden dan
helpt het hele dorp mee. In twee dagen is dan het hele dak vervangen. We namen
alle tijd tijdens onze wandeling en namen beide veel foto’s. Op een gegeven
moment kwamen we bij de tempel van de stad aan en keken hier ook even rond. Het
was een typisch Japanse tempel met twee Tori’s, wat beelden en een waterplaats
waar je onder gebed wat water kon drinken uit een bakje wat hier lag. Eigenlijk
hadden we na deze tempel zowat het hele dorp wel gezien en sloegen het laatste
straatje in waar we nog niet geweest waren en kwamen zo vanzelf weer uit bij ons
hotel. We gingen naar onze kamer en settelden ons een beetje. We gingen douchen
en hierna wat relaxen. Na een tijdje begon het heerlijk in het huis te ruiken
naar een houtskoolvuur en in de centrale ruimte waar we ook ons diner zouden
krijgen hing een grote ketel boven een vuur. Het rook allemaal heerlijk en het
bracht een leuke sfeer. Om 18:30
werd iedereen door de vrouw des huizes naar het diner geroepen (gesommeerd) en
liepen we in onze kimono (die we als enige aan hadden getrokken hier) naar de
centrale ruimte die overigens grensde aan onze kamer en we werden onze plaats
gewezen aan een bankje waarop een dienblad al gedekt stond. We kregen dit keer
veel meer eetbare dingen als anders. Er was weer zoals we vaker gehad hadden een
bakje waar het vuur onder aangestoken werd met hierin vlees en groenten. Dit
moest 10 minuten opheten had de vrouw tegen ons gezegd. Toen ik een aantal
minuten later even de deksel optilde omdat ik het vlees even goed op de
onderkant wilde leggen kwam ze er weer aan en het scheelde bijna niet veel of ze
had de deksel uit mijn handen getrokken. De manier waarop ze duidelijk maakte
dat het nog 10 minuten dicht moest blijven was verre van vriendelijk te noemen.
Ik begon zo langzamerhand een hekel aan het mens te krijgen en was al blij dat
we juist in dit hotel maar 1 nacht verbleven. Morgen zouden we naar Takayama
gaan. We aten er toch wel lekker van deze keer. De vrouw zette de tv aan die
hier stond en zette een film op die liet zien hoe ze hier in het dorp het dak
van het hotel een keer vervangen hadden met heel het dorp wat meehielp. Was wel
interessant om te zien, maar het Japans verstonden we toch niet en dus boeide
het niet zo. We zaten gelijk te eten in deze ruimte met een Amerikaans echtpaar
en met een Japans echtpaar. Wij raakten in gesprek met het Amerikaanse echtpaar
dat uit Minneapolis kwam en beiden waren zij leraar. We wisselden allerlei
wetenschapjes en hij vertelde dat hij een boek geschreven had over de Delftse
schilder Vermeer. Zo hadden we uiteindelijk ons diner op en er kwam geen dessert
zo te merken. Dit vroegen blijkbaar zowel de Amerikanen zich af als wij, dus ik
ging het maar vragen en kreeg de bevestiging dat het zo klaar was. Wij zeiden
iedereen welterusten en trokken ons terug op onze kamer voor de nacht.
Donderdag 19 Juni 2008
Vanochtend was ik al voor de wekker wakker om 05:30.
De wekker stond voor 06:30. Ik was klaarwakker en uitgeslapen, voor zover dat
gaat op tatami-matten. Ik werkte de nog ontbrekende pagina’s bij in word die
ik op papier geschreven had en toen ik net klaar was ging de wekker en was het
06:30. Tijd om op te staan dus. A-M werd nu ook wakker. We knapten ons op en
gingen om 07:30 aan het ontbijt en net als bij het diner gisterenavond werden we
door de gastvrouw(meesteres) gesommeerd naar ontbijt te komen. Hier stond een
tafeltje klaar met witte rijst een prutje wat je op een kookstelletje moest
bakken en een roerei. Het was allemaal eetbaar voor ons en we hebben dan ook
goed ontbeten. Na het ontbijt hebben we de koffers ingepakt en geparkeerd bij de
uitgang van het hotel(hotel mag je heet eigenlijk niet noemen, het was “mijn
huis”van de meesteres),dat mocht tenminste. We liepen het dorp in en A-M was
een beetje emotioneel. De manier waarop de vrouw tegen ons deed was haar teveel
geworden. Zij ging even tot rust komen bij het huisje wat bij de tori aan de
ingang van het dorp stond en ik liet haar even met rust en wandelde wat door het
dorpje en maakte hier en daar nog een foto. Na een tijdje kwam ik terug bij A-M
en ze was nog steeds niet helemaal
de oude. We gingen expres al zo vroeg weg uit het hotel omdat er geen enkele
stoel in het hotel is. Je was verplicht in kleermakerszit te blijven zitten en
dat waren we meer dan zat. We kregen overal last van en dan nog die
onvriendelijke vrouw erbij, was het een opluchting om dat pand verlaten te
hebben. Wat waren we blij dat we daar weg konden gaan en niet nog een nacht
moesten (over)blijven. We haalden de koffers weg uit het hotel en zeiden voor de
vorm de vrouw nog even vriendelijk gedag(wij wel), en zelfs dat kon zij niet op
een vriendelijke manier. Ongelofelijk wat een hork was dat mens zeg. Wij gaan
hier zeker in de richting van de reisorganisatie een opmerking over maken, zodat
ze andere reizigers kunnen waarschuwen en hun vermelding bij het hotel van
“aardige eigenaren” kunnen schrappen. Wij liepen met de koffers onder de
tori door het dorp weer uit en trokken de koffers voort over de hangbrug naar de
andere kant van de rivier. We liepen naar de ticket-Office voor de bus en
kochten een kaartje voor de bus naar Takayama. Deze bus zou om 10:05 vertrekken.
We hadden op dat moment nog een drie kwartier te wachten. Bij de busstop is ook
de ingang van een klein openluchtmuseum wat ze hier hebben. A-M wilde nog rust
houden en bleef bij de koffers op een bankje wachten. Ik ben alleen dan maar in
een snel tempo dit openluchtmuseum gaan doen. Eigenlijk zag je hier niet veel
meer dan we lopend door het dorp al gezien hadden. Ik schoot hier nog wel foto
en film. Ik had het al vrij snel gezien en liep naar A-M. We haalden nog even
een ijsje en hierna legden we de koffers in de bus die er al stond. Precies om
10:05 vertrokken we met de bus van hier en we waren blij om weg te gaan. We
houden geen prettige herinnering aan Ogimachi over buiten het lopen door het
dorp en wat we hier zagen. Maar het verblijf in Mishuku Koemon was het
dieptepunt van de vakantie. Om 11:30 arriveerden we weer in Takayama. A-M had
bijna de hele rit geslapen in de bus en voelde zich al een stuk beter. Het was
licht gaan regenen, maar nog niet zo dat je een paraplu nodig had. We liepen met
de koffers achter ons aan volgens het kaartje wat we gekregen hadden zonder
moeite binnen 10 minuten naar ons hotel Rickshaw Inn. Dit ligt in een smal
zijstraatje en als je het van buiten ziet denk je, dit is niks. Dan ga je het
halletje binnen en daar moet je je schoenen uit trekken. Dat is heel normaal in
Japan, maar wij dachten dat dat gold voor houten vloeren en tatami vloeren. Hier
lag gewoon tapijt in het hotel, maar toch moet je hier je schoenen uit. Geen
probleem, maar wel een rare gewaarwording en je hebt iets van “menen ze dat nu
serieus?”. We checkten in en de mevrouw sprak heel erg goed Engels voor een
Japanse. Daar keken we van op. Dat maakte het allemaal een stuk makkelijker. We
kregen kamer 203 op de eerste verdieping en tilden de koffers de trap op en
gingen naar de kamer. De kamer ziet er niet mooi of speciaal uit, maar had wel
alles wat wij erg op prijs stelden. We hadden gewone bedden en hoefden niet op
de vloer te slapen. We hadden een eigen douche en toilet en het was kraakhelder
schoon allemaal. Ik had hier vrij internet en er lag zelfs een netwerkkabel die
ik zo in de laptop kon steken en ze hadden nog een snelle verbinding ook. Wij
voelden ons gelijk op ons gemak hier. Omdat we zo een nare ervaring de dag
ervoor hadden gehad en het buiten regende besloten we de rest van de dag lekker
rust te nemen en pas in de middag wat te gaan doen. A-M ging lekker slapen en ik
ging mails lezen en sturen en dingen over Takayama op internet uitzoeken. Het
was ook voor mij de eerste keer dat ik weer nieuws van het EK had sinds ik
gehoord had dat Oranje van Italië gewonnen had met 3-0.Ik keek ervan op dat ze
in de kwart finale zaten, dat had ik niet verwacht. Ik las mezelf lekker bij
over het EK via internet. Voordat ik het wist ging de wekker die A-M voor
zichzelf gezet had en was het 14:30. A-M knapte zich op en ik sloot de laptop
af, we pakten onze spullen en liepen de straat op. We hadden een plattegrond van
Takayama gevraagd bij de hotel receptie en gekregen en hier waren ons de
highlights op aangegeven. We liepen naar een wijkje waar allemaal oude huizen
nog zouden staan met winkeltjes. Na even lopen waren we er al. Hier waren
straten van zwart houten oude traditionele Japanse huizen en dit waren nu
allemaal winkels. We hebben hier lekker gewinkeld en inkopen gedaan van kleine
cadeautjes voor de familie en onszelf en we waren nu kompleet met het
aanschaffen van eetstokjes voor Henk. We hadden nu vier sets voor hem en dat was
wel genoeg vonden we zo. We hebben steeds de mooiste voor een redelijke prijs
gezocht en zijn tevreden over diegenen die we voor hem gekocht hadden. Het is
een variatie van uitvoeringen die je hier kan krijgen. Ook voor onszelf hebben
we een set gekocht en die van ons zijn met parelmoer ingelegd. Die kosten dan
ook wel omgerekend 12,5 Euro. Er is een hele range eetstokjes te krijgen t/m
omgerekend 120Euro aan toe. Er zijn eetstokjes met etuis en eetstokjes die je in
twee delen in elkaar kan schroeven. We zijn voor onszelf nog op zoek naar een
traditionele Japanse theepot waar we steeds thee uit krijgen in ieder hotel en
een sake bekertje en nog een schaaltje waar je steeds eten in krijgt. Maar we
willen hiervan echt mooie exemplaren hebben, dus we zijn nog zoekende. Zo waren
we hier dus gezellig aan het winkelen. Tussen half vijf en vijf uur gingen alle
winkels dicht en het vreemde was, ook alle restaurants gingen dicht en het werd
moeilijker en moeilijker er een te vinden die open was. We liepen terug naar het
hotel, waar we al vlakbij waren inmiddels en wachten daar totdat het 18:00 was
en liepen weer naar buiten. We hadden de gedachte gehad dat er dan wel
restaurants open zouden gaan of weer open zouden gaan. We hadden het helemaal
mis, er waren zelfs nog meer restaurants dicht en degenen die wel open waren,
waren slobber restaurants waar wij nu niet naar op zoek waren. Uiteindelijk
vonden we een voor ons acceptabel restaurant dat wel open was en die was alleen
open omdat het ook een hotel bleek te zijn. Hier hebben we trouwens heerlijk
gegeten. A-M had een omelet gevuld met een soort van heerlijke roze rijst en ik
had een sirloin steak met rijst en taugé en dat was ook heel lekker. Na het
eten zijn we nog door diverse straatjes gaan wandelen en onderweg kochten we
lekker een reep chocola voor op de kamer om ons te verwennen. Ook hier hadden ze
in de hoofdstraat weer een grote Pachinko hal en hier liepen we even naar binnen
en keken even. De oudjes zaten hier te gokken met hun balletjes die door de
speelautomaat rolde. Via een omweg liepen we terug naar het hotel en kwamen
gelukkig weer goed aan. Voor de rest was het wassen en slapen. Morgenochtend is
het plan een markt te bezoeken en tempels en natuurlijk………winkelen.
Vrijdag 20 Juni 2008
Vanmorgen zijn we opgestaan om 07:00. We hebben in
dit hotel geen ontbijt en diner en hadden daarom gisteren wat brood e.d.
ingeslagen voor het ontbijt en dat aten we nu op de kamer op. We wasten ons en
pakten de rugzak in en liepen de straten van Takayama op. We liepen naar de brug
over de rivier en staken deze over. Op de weg langs de rivier was hier de
ochtend markt. Het waren allemaal stalletjes. De ene met origami, de andere met
eten, de andere had weer ander handwerk. Er was van alles wat. We hadden er
eigenlijk wat meer van verwacht, want zoveel was het allemaal bij elkaar niet.
Toen we aan het einde van deze markt gekomen waren liepen we nog 1 straatje door
langs de rivier en kwamen uit bij een enorm grote Tori aan het begin van een
brug. Deze Tori staat aan het begin van de straat naar de belangrijkste tempel
van Takayama, de Sakurayama Hachimangu Tempel. We liepen er door de straat
naartoe. De straat (en eigenlijk heel het centrum van Takayama) staat helemaal
vol met de zwart houten traditionele houten huizen waarvan de meesten dateren
uit de 17e eeuw. Aan het eind van de straat staat de Takayama
Festival Floats Exhibition Hall (museum) en hier zijn we naar binnen gegaan.
Twee maal per jaar vind er in Takayama een groot festival plaats. In dit
festival worden een dertiental praalwagens rondgedragen en gereden door de
straten van Takayama. Het is een religieuze processie die s’morgens begint en
s’avonds eindigt bij de
Sakurayama Hachimangu Tempel. Het lentefestival wordt gehouden op 14 en 15 April
en dit festival wordt het Sanno festival genoemd. Dit festival is de jaarlijkse
viering t.b.v. de Hie Tempel die ook wel Sannosama Tempel genoemd wordt en daar
is de naam van afgeleid. Het herfstfestival wordt gehouden op 9 en 10 Oktober en
wordt ook wel het Hachiman festival genoemd. Dit festival is de jaarlijkse
viering t.b.v. de Hachiman Tempel. Wij liepen dus het museum binnen en kregen
een bandrecordertje mee met een Engelse uitleg erop. We kwamen bij een hele hoge
hal met daarin vier praalwagens die allemaal gemiddeld 8 meter hoog waren en in
mooie kleuren (overwegend rood) en protsig versierd met goud. Er kunnen in deze
hal maar 4 van deze praalwagens staan en de rest staan ergens anders opgeslagen.
Ze wisselen hier een aantal maal per jaar de tentoonstelling zodat alle
praalwagens een periode per jaar te bezichtigen zijn. We liepen door de gang om
de zaal heen waar de praalwagens van ons door glas gescheiden waren en konden zo
de wagens van alle kanten bezien en luisterden tegelijk naar de Engelse uitleg
van de bandrecorder. Het was interessant en mooi. We kwamen een zaaltje tegen
waar een film draaide over het festival en hebben dit lekker rustig twee maal
bekeken. Het was erg leuk om te zien een het is een erg leuk festival, moet erg
leuk zijn om mee te kunnen maken. Er was een praalwagen bij waar poppen op zaten
en deze konden zelfs rond een stok een soort trapezeact doen zonder hulp van
mensen en ik kon zou gauw niet ontdekken hoe ze dat nu deden. Ook
heeft een van de praalwagens een grote trom bovenaan waar aan weerszijden
mannen op staat te trommen. De mensen die bij de stoet horen zijn ook allemaal
mooi traditioneel aangekleed en dat maakt het allemaal nog mooier. Ook is er een
praalwagen die door 40 mannen gedragen moet worden omdat hij zo zwaar is. Dit is
het laatste jaar niet gebeurt en het wordt ook steeds moeilijker. De reden is
dat ze 40 mannen moeten hebben van ongeveer dezelfde lengte, anders gaat het
niet. Afgelopen jaar is hen dat niet gelukt om bij elkaar te krijgen en werd
deze praalwagen op een onderstel met wielen voor getrokken geheel tegen de
traditie in. Als het erg regent of waait doen er soms bepaalde praalwagens ook
niet mee en rijden er kleine vervangers voor mee. Deze stonden ook in de zaal
opgesteld alsmede allemaal poppen met de kleding van diegenen die meedoen aan de
processie. We hadden het hier wel gezien en liepen naar buiten toe en kwamen uit
bij de Sakurayama Hachimangu Tempel. Buiten werd heet heter en heter en het was
niet gewoon lekker heet. Nee, het was erg vochtig en voelde als een broeikas en
we hadden er niet echt op gerekend dat de lucht open zou breken en waren iets te
dik gekleed en we zweten ons gek. Het licht was ook heel erg fel en dat gaf wel
erg grote contrasten op de foto’s . Deze tempel was een mooie tempel en zag er
heel goed onderhouden uit. We bekeken alles en liepen weg in de richting van de
volgende tempel. Via leuke smalle straatjes kwamen we aan bij de Takayama
Betsuin Temple. Hier liepen we doorheen en liepen het plein hier over door de
enorme poort die hier stond een sloegen hier linksaf richting de heuvel waarop
13 Tempels liggen op een stuk van drie kilometer lengte. Er waren overal
wegwijsbordjes zodat je tempel na tempel af kon lopen. Wij hebben ze alle
dertien afgelopen en ik zal niemand vermoeien met al hun namen, maar neem van
mij aan als je dit gedaan hebt ben je uiteindelijk tempelmoe. Op een gegeven
moment zie je geen verschil meer tussen die tempels. We liepen via allerlei
smalle straatjes de heuvel af een liepen al winkelend terug in de richting van
ons hotel. Onderweg kwamen we langs een curry restaurant en hebben hier heerlijk
gegeten. Omdat gisteren alle restaurants al na 17:00 dicht waren hebben we het
warm eten maar tussen de middag gedaan en s’avonds brood gegeten. Met volle
buik liepen we terug naar het hotel en genoten hier van een douche om al het
zweet van deze absurd hete dag van ons af te wassen. We waren blij dat we airco
op de kamer hadden. Na het douchen waren we best heel moe geworden en zijn
lekker gaan slapen. Om 14:45 werden we weer wakker, kleden ons aan en liepen
weer de straat op en gingen nog wat winkelen, maar voordat we wisten ging er
alweer veel dicht. Toen zijn we maar op ons gemak terug gelopen naar het hotel
en hebben de rest van de dag lekker gerust met tv, boek en ik laptop. Morgen
hebben we een grote verplaatsing over honderden kilometers naar de tempelberg
Koyasan. Hier verblijven we dan in een klooster op de berg. Wordt heel primitief
en is gelukkig maar voor 1 nacht. We hebben dan geen toilet en douche op de
kamer. Eerst moeten we ruim 4 uur met de bus naar Osaka en vervolgens weer met
een andere bus en uiteindelijk kabelbaan naar Koyasan.
Zaterdag 21 Juni 2008
Vanmorgen erg vroeg opgestaan want de bus naar Osaka
zou om 07:00 van het station vertrekken. Wij waren er op tijd en ook de bus
vertrok op tijd. We reden weg uit het bewolkte regenachtige berglandschap en
reden een paar uur met een paar plasstops. Op een gegeven moment waren we uit de
bergen en werd het ook lichter en droog buiten. Eigenlijk vanaf het moment dat
we uit de bergen kwamen totdat we net buiten Osaka op de snelweg kwamen hebben
we alleen maar stapvoets in de file gereden. De aankomsttijd zou oorspronkelijk
12:06 geweest zijn. We hadden dan makkelijk de trein richting Koyasan kunnen
pakken die om 13:00 vertrok. Nu dat vertrekken dat deed hij wel, echter zonder
ons. Pas om 13:15 kwamen we bij Osaka in de buitensteden aan en hadden eerst nog
een paar stops onderweg om mensen af te zetten langs de snelweg. We reden meer
en meer Osaka binnen en zagen wat voor enorme stad dat was. Wij hebben het idee
dat de stad nog groter is dan Tokyo. Onderweg zagen we al een paar Shinkansen (bullit
trains) langs razen. De hoogbouw werd hoger en hoger en stond steeds dichter op
elkaar. Ook de woningen staan met flats opeengepakt bij elkaar en de
bevolkingsdichtheid moet hier erg groot zijn per vierkante kilometer. Pas om
14:30 reden we de stationsterminal binnen van Osaka Namba. We hadden dus al 2,5
uur vertraging opgelopen op het geplande schema. Nu zijn de winkels, musea e.d.
hier maar tot half vijf open en daarna is alles stil en uitgestorven in Japan.
Morgen zouden we weer terug moeten naar Osaka en dan vervolgens door naar Kyoto.
Dan hadden we al voor de middag op weg moeten zijn. Wij hadden er nu 7 uur in de
bus opzitten en waren heet meer dan zat. We zagen het ook niet zitten om nog een
paar uur door te reizen en dan morgen maar een paar uurtjes te hebben en weer
een hele wereldreis moeten ondernemen naar Kyoto. En dat nog op Anne-Marie haar
verjaardag. Dit heeft ons doen besluiten een hotelletje voor de nacht in Osaka
dicht bij het metro station te zoeken waar we waren,en morgen ochtend op ons
gemak richting Kyoto te gaan. Osaka Namba is een enorm groot station, waar
bussen, treinen en metro’s op uitkomen en we wisten dat we hier wel een
toeristeninfo zouden vinden. En, ja hoor, gelijk zagen we dit al aangegeven
staan. Nu kan je je deze plaats het beste voorstellen als schiphol. Het is
ongeveer even groot en je gaat hier onder de grond ook met rolpaden verder om
afstanden af te leggen. In de lange verbindingsgangen die hier onder de grond
lopen zitten complete winkelcentra. Het was er ook erg druk met mensen. Met onze
koffers achter ons rollend door de menigte mensen zochten en vonden we
uiteindelijk hier onder de grond het toeristen informatie bureau en gingen hier
naar binnen. Hier was een dame die heel goed Engels sprak en waar wij gewoon
normaal mee konden communiceren en dat was heel erg prettig. Wij legden haar
onze situatie uit en vroegen haar of zij wilde bellen met de Eko-inn in Koyasan
om uit te leggen dat we niet meer bij hun zouden komen. Dat deed zij en zij
sprak met de priester van het klooster waar wij zouden overnachten en hij kon
het allemaal goed begrijpen. Toen dit geregeld was heeft zij ons hotel in Kyoto
gebeld of zij nog een kamer voor ons voor vannacht vrij hadden, maar helaas zij
zaten vol. Toen heeft zij voor ons een hotel gevonden nabij station Namba waar
we waren en hun gebeld en zij hadden nog een kamer vrij tegen gereduceerd tarief
van 22000 Yen. Het was het Osaka Cross Hotel. Wij zeiden dat ze deze kamer
mochten vast houden voor ons en dat we eraan kwamen. We bedankten heel
vriendelijk de dame die ons zo goed geholpen had en liepen met onze koffers de
straat op. Het was hier een drukte van jewelste omdat het Zaterdag was en dit
het hart van Osaka was. We liepen in 10 minuten naar ons hotel, gingen binnen en
checkten ons in en kregen een kamer op de zesde verdieping. We betaalden gelijk
en gingen met de lift naar de kamer. Het was een hele mooie kamer met een enorm
groot breedbeeld plasma tv en nog een lcd tv boven het bed. Een luxe badkamer
met douche en ligbad. En een volelectronisch toilet met een bedieningspaneel met
een heleboel knopjes ernaast aan de muur. Het was een hoek kamer met twee leuke
raamnissen waar je de straten van Osaka op keek. In de ene nis stond het twee
persoons bed en in de andere nis stond een bureau waar een data-aansluiting bij
zat. Ik had beneden bij de balie al geïnformeerd en de internet was gratis bij
dit hotel. Hier parkeerde ik natuurlijk mijn laptop en maakte mijn reisverslag
dit keer in luxe. We fristen ons op en settelden ons in de kamer en na een
tijdje liepen we naar buiten de straten van Osaka op. Schuin tegenover het hotel
zijn een paar smalle straatjes vol neon borden
en winkels. We staken de straat over en liepen de McDonalds in die hier
was en bestelden allebei eten en gingen dit op ons gemak opeten. Na de Mac
liepen we weer de straat op en sloegen een van de smalle straatjes in en liepen
al rondkijkend deze door. Er loopt hier heel ander pluimvee dan in de rest van
Japan. Zelfs in Tokyo hadden we het nog niet zo extreem gezien als hier. We
kwamen bij een pleintje en hingen hier even rond en keken ons ogen uit. Dit was
een hangplek voor jongeren. Hier zag je van alles. Meisjes die volledig gekleed
en geschminkt als een pop waren, met een lief jurkje. Jongelui die met piercings
en in het zwart waren. Jongelui met de vreemdste kleding en haardossen. Meisjes
verkleed als heksen. Jongens met vetkuiven. Meisjes met erg korte rokjes, zo
kort dat de meisjes bij ons dit tegenwoordig niet meer durven dragen. Het was
een feest voor het oog al deze verschillende uitspattingen om je heen te zien.
We liepen dus verder door deze straatjes en keken onze ogen uit. We kwamen al
lopend bij een soort van overdekte promenade en deze liep recht door en je kon
het einde ervan niet zien. We sloegen deze in en hebben deze helemaal tot het
eind uitgelopen en dat kan wel een kilometer of twee, drie geweest zijn. Aan het
eind van de promenade was een brede weg en aan de andere kant ging het weer
verder. Wij besloten dat we meer dan genoeg gelopen hadden een besloten rechtsaf
te gaan en dat was een verkeerde beslissing. We liepen nog een heel eind en
eindelijk had ik gevonden dat we buiten de kaart die ik had afgedwaald waren.
Ook zag ik dat we redelijk dichtbij het kasteel van Osaka waren en wilde daar
naartoe. We liepen die kant op en het bleek een stuk verder te zijn dat we
dachten. Uiteindelijk, terwijl de schemering langzaam aan het invallen was,
zagen we over een plein heen het kasteel van Osaka. We liepen die kant op en het
kasteel heeft twee enorm dikke muren. Daar liepen wij via poorten tussen door en
kwamen uiteindelijk bij het kasteel uit. Het was mooier en groter dan ik gedacht
had en we schoten onze foto’s. Hierna liepen we weer terug naar de metro waar
we zojuist langs gelopen waren en gingen deze in. We kochten kaartjes voor naar
Namba Station en namen de metro. Eenmaal overstappen later waren we weer op
Namba terug. We liepen het station uit en bevonden ons ineens weer in de drukte
en de vele neonlichten die hier waren. We liepen nog even rond en bekeken alles
en iedereen. We liepen een McDonalds binnen, bestelden een fleuri een aten dit
in een nis op genietend een kijkend naar al de jongeren die allemaal anders
uitgedrost hier langs kwamen. Na het ijsje liepen we terug naar het hotel voor
de nachtrust. We verheugen ons al op Kyoto morgen waar we overigens met een
Shinkansen naartoe gaan (bullittrein).
Zondag 22-6-2008
43e verjaardag van Anne-Marie.
Deze ochtend werden we om 07:00 wakker in onze luxe
kamer van het Cross Hotel in Osaka.
Ik feliciteerde A-M met haar 43e
verjaardag en we stonden op en gingen ontbijten. Ik keek snel even op internet
en las dat Nederland uitgeschakeld was door Rusland in de kwartfinale van het
EK. Na het ontbijt fristen we ons op en toen
we klaar waren gingen we met de lift naar beneden en checkten ons uit bij het
hotel. We liepen naar buiten de regen in naar station Namba, wat maar 500 meter
rollen is met de koffers, dus dat was een makkie. We gingen de metro in en
zochten de juiste lijn op en hier aangekomen kochten we bij een ticket machine
voor 270 Yen pp onze tickets naar station Shin-Osaka. We liepen naar het perron
en gauw daarna konden we al de trein in. We bleven de zeven haltes zitten en
stapten uit op Shin-Osaka. Het ging allemaal heel soepel. We zochten de
ticketverkoop voor de Shinkansen (Shinkansen is de bekende kogeltrein van Japan,
de onze was de Tokaido lijn en deze rijdt 220 Km per uur) en kochten hier onze
kaartjes naar Kyoto. We liepen hierna verder naar het perron nr. 25 wat ons
verteld werd en hier stond al een bullittrain klaar en we stapten gelijk in. Ze
hadden ons verteld dat wij elke trein in de richting van Tokio konden nemen, ze
zouden allemaal stoppen in Kyoto. We gingen zitten een gelijk hierop vertrok de
trein al. Hij maakte meer een meer snelheid en buiten schoot de bebouwing
voorbij. Met 10 minuten waren we al in Kyoto een remde de trein alweer af.
Tijdens de busreis en opnieuw tijdens deze treinreis viel het me op dat dit
gedeelte van Japan kompleet verstedelijkt is. Er is geen onderscheid meer tussen
de steden te zien. De stad loopt helemaal door. Op Google-earth kan je zien dat
Osaka en Kyoto best wel een stuk uit elkaar liggen, maar op de grond is er geen
sprake van uit elkaar, alles is een grote stad. We stopten dus in Kyoto, liepen
de trein uit en gingen met de trap naar beneden en kwamen uit bij de
ticketverkoop van de Shinkansen treinen. Omdat wij op de 24e naar
Hiroshima willen en Himeiji heb ik hier gelijk al kaartjes hiervoor gekocht. De
rit naar Hiroshima zijn gereserveerde plaatsen en de rit van Hiroshima naar
Himeiji en van Himeiji naar Kyoto terug zijn vrije plaatsen. Op die manier
kunnen we zelf bepalen hoelang we ergens willen blijven. We moeten dan al de
trein van 06:56 hebben van station Kyoto. Lekker vroeg, dan hebben we de hele
dag. Toen we deze tickets hadden heb ik geïnformeerd waar de gratis shuttle bus
van het Westin Myako Hotel kwam en we zijn naar buiten gelopen en hebben gewacht
bij de bushalte. Precies om 10:00 kwam de shuttlebus aanrijden en stapten we in
en reden weg. De bus deed er ongeveer 20 minuten over naar het hotel. We reden
onder de enorme overkapping van het hotel binnen en stapten uit en reden met
onze koffers de lobby binnen. Dit was duidelijk een enorm groot modern hotel en
de eerste aanblik beloofde veel goeds. We reden naar het rijtje waar je moest
gaan wachten voor de receptiebalie en stonden hier even toen we aangesproken
werden door een van de meisjes van het hotel. Zij vertelde ons dat we pas om
13:00 mochten inchecken en dat we zolang wel de bagage achter konden laten. Zij
nam ze in en labelde ze en gaf ons een reçu. Wij liepen hierna naar de
informatiebalie die hier ook was en vroegen wat we nu het beste konden gaan doen
vanmiddag omdat het regende buiten. Zij vertelde ons dat er een opvoering van
Geisha’s was in de Kyoto Kaikan Hall. Dit was volgens haar een gebeurtenis die
maar 1 maar per jaar voorkwam. Dit zouden de beste Geisha’s zijn. Het beste
wat er op dat gebied was volgens haar. Wij wilden dat graag zien en zij gaf op
de kaart van Kyoto voor ons aan waar het was. Het was op loopafstand van het
hotel. Wij liepen naar buiten waar het regende en verstikkend heet was als in
een snelkookpan. We staken onze paraplu’s op en begonnen te lopen. Onderweg
kwamen we nog een tweetal tempeltjes tussen de huizen tegen en keken hier ook
even rond en maakten hier foto’s.
Na een tijdje kwamen we aan bij de Kaikan Hall en informeerden waar we de
kaartjes konden krijgen. Deze waren pas vanaf kwart over 1 te koop en we liepen
hier dan ook weer weg. Inmiddels hadden we honger gekregen en we hadden onderweg
een McDonalds gezien. Ik liep ruwweg in de richting waarvan ik dacht dat de Mac
lag en inderdaad liepen we in 1 keer goed.
We gingen hier lekker rustig zitten eten en ik
dommelde een beetje weg. We bleven hier tot het tijd was om weer terug te gaan
lopen en deden dat. Toen we weer bij de Kaikan aankwamen stond er al een rij met
mensen te wachten en we sloten hierbij aan. Ondertussen liepen hier een aantal
echte Geisha’s tussendoor en wij en anderen namen foto’s van hun. De
Geisha’s moeten hiervan helemaal kriegel geworden zijn omdat ik bijna de hele
tijd camera’s op hun gericht zag. Na een tijd waren wij aan de beurt en
kochten onze kaartjes. We liepen de hal binnen en hier waren allemaal standjes
waarvan je dingetjes kon proeven in bakjes e.d. Het meeste waren slobberdingen
en dus aan ons niet besteed. Ook waren hier standjes waar b.v. kleine tasjes
voor visitekaartjes lagen en kammen en haarstukken die Geisha’s dragen. Ook
eetstokjes kon je hier natuurlijk kopen, maar die kan je hier overal kopen. Maar
het mooiste in deze hal was het aantal Geisha’s en aanhang wat hier rondliep.
Meestal liepen de Geisha’s hier rond geflankeerd door de dame die hun had
opgeleid en bij welk huis ze hoorden. Misschien moet ik hier even iets over
Geisha’s schrijven (gesouffleerd door een op dit onderwerp ingelezen A-M). Als
jong meisje van een jaar of 12 a 13 jaar verbindt een meisje zich aan een Geisha
huis en de dame des huizes wordt vanaf dat moment haar mentor. De eerste jaren
moet het meisje het minste werk doen zoals schoonhouden van het huis en de
kleren van de Geisha’s verzorgen. Heeft ze zich goed ontwikkeld en genoeg
geleerd kan ze uiteindelijk Maiko worden. Een Maiko is een Geisha in opleiding,
heeft ook het bekende witte gezicht en draagt ook de mooie kimono’s die
trouwens allemaal eigendom zijn van de vrouw des huizes. Er zijn echter
verschillen in uiterlijk tussen de Maiko en de Geisha (die zich liever Geiko
laten noemen). Bij de Maiko is de Obi(de strik op de rug van de kimono) niet
opgerold en hangt naar beneden als twee lange rokflappen. Bij de Geisha is dit
dus een rol op de rug. Bij de Maiko is het haar anders opgestoken dan bij de
Geisha. Bij een Geisha zitten er ook geen rode frutsels meer in het haar
verwerkt en bij de Maiko wel. Het haar is het echte haar van de meisjes en geen
pruik. Op de foto’s die wij genomen hebben is dat ook duidelijk te zien.
Trouwens over het haar. Als het haar gedaan wordt van een Maiko en Geisha (dat
is eens in de zoveel tijd) is dat een zware en pijnlijke toestand voor de
meisjes. Het haar wordt helemaal strak getrokken. Dan moeten ze ook slapen met
hun hoofd op een houten krukje. In de nek van zowel de Maiko als Geisha zie je
in het wit gepoederde gedeelte twee punten naar beneden die niet wit gepoederd
zijn en waar je de blote huid ziet,dit is om de mannen te behagen. In de periode
van Maiko moeten de meisjes zichzelf gaan presenteren en een klantenbestand gaan
opbouwen. Dat doen ze door overal bij speciale Geisha restaurants langs te gaan
en visitekaartjes van hun achter te laten. Als het goed is dan worden ze dan
steeds vaker ingehuurd. Als de Maiko dit een tijd gedaan heeft en een
klantenbestand heeft en de mentor vindt dat er rijp voor is wordt ze een Geisha.
Er zijn nog een heleboel dingen rond Geisha’s te vertellen. Voor mannen heeft
het aanzien dat ze gezien worden met een Geisha. Mannen kunnen de maagdelijkheid
van een Geisha afkopen en zo dus het recht kopen een Geisha te ontmaagden.
Mannen nemen een Geisha vaak als aanvulling van de gehuwde vrouw die ze al
hebben. Ik vind dat ik nu meer dan genoeg over de Geisha’s verteld heb om er
een beeld van te kunnen vormen wat wij hier rond ons zagen. Er stonden in de hal
hier groepjes van mannen die aan het praten waren met een Geisha of met een
Maiko samen met hun mentor. Dit alleen geeft de mannen hier al aanzien, want zij
zijn gezien al pratende met een geisha en je zag dat de mannen hier ook veel
plezier in hadden. De Geisha’s deden tegen deze mannen leuk, lachten hun toe,
raakten hun soms een beetje aan en speelden hun deel van het spel. Geisha’s
hebben ook een houdbaarheidsdatum. Dus voor Geisha’s is het ook belangrijk om
al snel een vaste klantenkring te hebben en meestal is het zo dat ze hieruit op
een gegeven moment een minnaar nemen die hun dan verzorgt. Als een Geisha ouder
wordt, zal ze dus klandizie verliezen. Meestal is het zo dat ze tegen die tijd
een vaste minnaar hebben. Dan zijn ze op een gegeven moment geen Geisha meer. Je
zag hier in de hal dan ook veel vrouwen in kimono die waarschijnlijk Geisha
geweest waren en nu alleen nog minnares waren en hier met hun vaste klant
naartoe gingen. Wij liepen hier tussendoor en keken rond naar dit intrigerende
sociale gedrag van deze Japanners. Dit komt slechts eenmaal per jaar voor en we
hadden een lot uit de loterij dat wij hier toevallig vandaag waren en dit stuk
traditie mee konden maken. Onze ervaring was in vakanties zo dat er vaak dingen
zijn die in stand worden gehouden voor toeristen over de wereld en dit was echt
niet zo. Dit was een duidelijk nog steeds actief zijnde cultureel gebeuren en
echt. We liepen de zaal in een zochten onze plaatsen en gingen zitten. Wij
hadden hele goede plaatsen en hadden niemand voor ons zitten en konden onze
benen strekken waar we zaten. Na een tijdje begon het. Het doek ging omhoog en
er stonden 3 Geisha’s die begeleid werd door Japanse tokkelinstrumenten en
gezang van vrouwen die aan de zijkant van het podium op een verhoging zaten. De
vrouwen bewogen heel sierlijk en dansten rond, deden bewegingen met waaiers e.d.
In meerdere aktes zagen we een heleboel Geisha’s voorbijkomen die de mooiste
kleding hadden. Het begon om half twee en was afgelopen om half vijf toen in de
finale alle Geisha’s op sierlijke manier hun plaats innamen op het podium en
terwijl ze hier opkwamen twee bij twee hun applaus in ontvangst namen. Het was
een hele mooie opvoering en we hebben er zeer van genoten. Hierna toen het
afgelopen was hebben we nog in de hal rondgekeken en zagen de geisha’s lobbyen
voor zichzelf en praten met diverse Japanse mannen altijd samen met hun mentor.
We liepen in de richting van de uitgang en zagen links en rechts van ons ook
Geisha’s het gebouw verlaten.
Iedereen liep naar de straat en veel van de Geisha’s stapten hier in taxi’s
en reden weg. Wij liepen terug naar ons hotel. Hier aangekomen gingen we eerst
inchecken en kregen onze kamer op de 7e verdieping, kamer 7068. We
werden met onze koffers op een trolley door een meisje naar onze kamer gebracht
en bedankten haar vriendelijk. We hebben een moderne westerse kamer en die
bevalt ons prima. Ik liep het balkon op en we hadden hier het prachtigste
uitzicht over heel Kyoto. Het hotel is tegen een heuvel gebouwd en we liepen
even rond op de 7e toen we zagen dat je hier een bird watching trail
kon lopen. Achter vanuit het hotel kan je een pad verder de heuvel op nemen en
daar waarschijnlijk vogels zien. We liepen nadat we gezien hadden dat dit er was
door naar de liften en gingen naar beneden. We zochten waar het zwembad was en
keken ook hier even rond en die was op de derde verdieping bij de
fitnessapparatuur. We gingen ook nog even door heet winkeltje wat op de BG was.
Hierna gingen we weer naar de 2e naar het restaurant en gingen hier
onze lunch nemen. Ik had een lekkere curry en A-M nam spaghetti Bolognese. We
hebben hier heerlijk gegeten. Vanaf ons tafeltje kon je via de open vide naar de
lobby kijken en zagen tot tweemaal toe een bruid door de hal lopen. Er is in dit
hotel ook een wedding chapel en daar zijn ze dan ook waarschijnlijk getrouwd. Na
het eten zijn we weer met de lift naar de 7e verdieping gegaan en
liepen naar buiten bij het bird watching trail en hier waren ook typisch Japanse
huisjes (ook deel van het gebouw) te zien en we liepen naar een stukje Zen tuin
toe dat hier was. Op deze plek kon je het Japanse gedeelte van het hotel in en
A-M liep naar binnen en sprak de Japans geklede medewerkster van het hotel aan
die hier liep. Die wilde ons wel even een Japanse kamer van het hotel laten zien
en we liepen met haar mee. Ze opende een kamer en liet ons naar binnen kijken en
wat we zagen was net zo’n kamer als we eerder in Kawaguchi-Ko gehad hadden met
tatamimatten e.d. We bedankten haar en liepen weer naar buiten en staken over
naar het westerse gedeelte van heet hotel wat toch veel beter bij ons paste en
liepen naar onze kamer. Hier was het douchen, badderen en relaxen en nagenieten
van deze weer erg leuke dag.
Maandag 23-6-2008
Vanochtend zijn we om 07:00 opgestaan en hebben ons
opgeknapt en stonden om 08:00 al buiten. We liepen naar het metrostation Keage
wat vlak naast het hotel ligt en gingen hier naar binnen en kochten kaartjes
voor metrostation Fushimi-Inari. We liepen naar het perron en kort daarop was de
metro er al. We stapten in en reden de zeven haltes en stapten uit op station
Fushimi-Inari. We liepen het perron af door de ticketgate die hier altijd je
tickets inslikken. Een ticket bewaren voor je plakboek kan je wel vergeten in
Japan. Op het perron stond de tempel al aangegeven waarvoor we hier waren. Niet
zo gek dat de tempel de Fushimi-Inari Tempel heet. We liepen door een straatje
met winkeltjes die net aan het open gaan waren omdat het nu rond half negen was.
Net als bij ons gaan hier de meeste winkeltjes pas rond negen uur open. De
winkeltjes waren vooral worship winkels waar je allerlei dingen t.b.v. de tempel
kon kopen. En natuurlijk veel dingen t.b.v. de vele toeristen die hier komen.
Door dit straatje af te lopen kwam je vanzelf bij de tempel uit. Het was de op
een na mooiste tempel die we in Japan gezien hebben tot nu toe. Alleen de
Senso-Ji Tempel in Tokyo vond ik indrukwekkender en mooier. Het was een tempel
met allemaal rode gebouwen. Het complex werd ook goed onderhouden. Er waren
monniken bezig met het planten van een struik. Er waren Tempelmeisjes bezig een
veranda van een van de Tempelgebouwen te schrobben. De Tempelmeisjes(kannushi)
hadden allemaal een witte bloes en een rode rok aan. Er was hier ook een
gedeelte waar allemaal houten bordjes aan een rek hingen. Hierop stonden
allemaal kinderafbeeldingen. Dit gedeelte van de Tempel draaide om kinderen. Aan
het begin van elke tempel is een waterplaats waar een soort van houten
soeplepels liggen. De waterplaats heeft heilig water, dus elke gelovige drinkt
hier dan van, vouwt de handen snel samen een loopt verder het Tempelterrein op.
Je had hier net als bij de meeste Tempels een Tempelgebouw waarvoor meerdere
touwen hingen met een bel. De gelovigen trokken dan aan het touw en de bel
ging(dit is om de goden,de Kami te roepen), vervolgens klapten ze in hun handen
en hierna stonden ze dan even te bidden. Vervolgens liepen ze dan naar tafeltjes
waarop houten zeskantige langwerpige dozen stonden met een gaatje erin. Hieraan
gingen ze dan schudden totdat er een stokje met een nummer uit een van de
gaatjes kwam. Deze lazen ze dan. Dan liepen ze naar een kastje met allemaal
laatjes, haalden hier van hun nummer een papiertje uit en daarop staat een
spreuk of voorspelling.. Hierna hingen ze deze spreuk aan een rek met touwtjes
waar er nog veel meer hingen te wapperen in de wind. Vervolgens liepen sommigen
dan naar een ander tempelgebouw waarvoor een bak staat. Hierin werpen ze dan wat
geld en staan erbij te bidden. Dit tafereel hebben wij in elke Tempel die wij
bezochten meerdere keren gezien. De mensen doen dit zonder zich te storen aan de
mensen die er allemaal omheen lopen. Toen we dit terrein doorgelopen hadden
kwamen we aan de achterkant van de Tempel uit in een bos tegen een heuvel. Er
liepen van achter de Tempel twee paden weg en wij namen het linker pad. We
liepen dit een stuk op en zagen voor ons allemaal Tori’s staan. Vanaf hier
stond het hele pad wat verder tegen de heuvel oploopt helemaal vol met rode
houten tori’s die ongeveer een halve meter uit elkaar stonden en ongeveer drie
meter hoog waren gemiddeld. Er stonden er duizenden. We liepen door deze tunnels van
tori’s en maakten hier natuurlijk heel veel foto’s. Het was ook een mooi
gezicht hoe het licht hier in een rode gloed doorheen viel. We kwamen uit bij
een kaart en zagen dat hier de hele heuvel met paden was die vol met tori’s
stonden. Er waren diverse richtingen die je uit kon lopen en aan de andere kant
van de heuvel was er nog een hele cirkel van paden met tori’s. Het was
allemaal heel indrukwekkend. Wij bleven het steeds maar stijgende pad volgen en
het was er vaak zo stijl dat het pad gewoon een lange trap was. Onderweg kom je
allemaal theehuisjes tegen waar je op traditionele Japanse manier thee kan
drinken. Overal kom je kleine Tempeltjes tegen langs het pad die helemaal
volgehangen zijn met kleine tori’s. ook zie je hier bij elk Tempeltje twee
vossen staan. De ene keer heeft de vos een sleutel in zijn mond en de andere
keer weer andere dingen en elk ding heeft een betekenis. De vossen zijn goden
voor een goede rijstoogst en voorspoed. De sleutel die ze soms in hun bek hebben
is symbolisch de sleutel van de graanschuren. Na heel lang geklommen te hebben
kwamen we boven aan op de heuvel en werden getrakteerd op een prachtig uitzicht
over Kyoto. Ook de Tempel waar we begonnen waren lag diep en ver beneden ons en
we realiseerden ons dat we een aardige wandeling gemaakt hadden. We keken hier
rond een maakten onze foto’s en rustten wat en gingen hetzelfde pad weer terug
naar beneden, dat ging natuurlijk veel sneller. Vlak voordat we weer bij de
Tempel terug waren splitste het pad zich nog in twee delen. Je kon aan beide
kanten om de Tempel heen. We waren links langs de Tempel omhoog gegaan een
besloten de andere kant maar te doen om weer af te dalen. Zo doende kwamen we
uit bij een stuk waar de tori’s veel kleiner waren en in twee paden wegliepen
bij een grote stenen tori vandaan. De tori’s waren hier ongeveer 2 meter hoog
en met gestrekte arm kon je hier de bovenkant aanraken. Hier stonden ze ook nog
dichter op elkaar en het waren net twee rode tunnels die hier wegliepen, erg
mooi om te zien. Er hingen ook lantaarns in her en der. We liepen van deze kant
het Tempelterrein weer op en slenterden door de Tempel heen weer naar het
straatje met de winkeltjes die nu natuurlijk allemaal open waren. We liepen op
ons gemak door het straatje heen terug in de richting van het metrostation en
winkelden gelijkertijd. Na een tijdje kwamen we aan op het metrostation en
kochten een kaartje voor metrostation Shijo. Dat doe je hier heel makkelijk bij
een ticketmachine. Er hangt hier altijd een kaart waarop staat hoeveel het kost
bij elk station op de kaart. Je zoekt dus gewoon op de kaart de naam van het
station op waar je heen wilt en daar staat de prijs die je daarvoor moet betalen
dan bij. Het staat er altijd in Latijns schrift en in Japans schrift bij, dus
geen probleem voor ons. Je gooit dan geld in de machine en geeft aan 1 of twee
tickets(symbool van 1 of 2 mannetjes). Vervolgens geeft de machine dan een
aantal mogelijke bedragen aan en je tikt er een aan op het scherm. Dan spuugt de
ticketmachine er twee tickets uit en eventueel je wisselgeld in een bakje. Een
kind kan de was doen. We pakten onze kaartjes en wisselgeld een liepen naar de
ticketgate. Hier bied je in een sleuf het ticket aan, die zowat uit je handen de
gate in geslurpt wordt. Aan het andere eind van de machine komt het kaartje er
dan weer uit steken zodat je het weer mee kan nemen. Bij het verlaten van de
metro door de gate bij het station waar je de metro weer uitgaat neemt de
ticketgate dan je kaartje in en die zie je dan niet meer terug. In Tokyo en
Osaka werkte het systeem van de metro precies hetzelfde.
Wij liepen het perron op en kort daarop was de metro er al een stapten we
in. Bij station Shijo stapten we weer uit en liepen de straat op. Je bent hier
dan gelijk in de wijk Gion die bekend staat om de Geisha’s die in deze wijk
wonen. Gelijk waar we boven kwamen was hier een restaurant en daar het al half
een geweest was zijn we hier gaan eten. Anne-Marie had een soort Curry spaghetti
en ik had een steak met lekkere saus. Na het eten liepen we hier de hoofdstraat
van Gion op. Hier waren de stoepen overdekt aan weerskanten van de weg.
Anne-Marie ging hier zowat elk winkeltje in en kocht een mooie legger voor de
stokjes die we eerder gekocht hadden. Ook kocht ze een souvenir voor iemand en
een waaier voor haarzelf. Ze kocht ook drie kleine visitekaartmapjes die
helemaal bewerkt waren. Na lang gewinkeld te hebben en zowat elk winkeltje langs
deze straat gezien te hebben kwamen we aan het einde van de straat. Hier staat
de Yasaka Tempel een hier liepen we naar binnen en keken hier ook rond een namen
wat foto’s. Het zwermde hier van de toeristen. Toen we de Tempel bezichtigd
hadden liepen we de straatjes achter de hoofdstraat in en in het eerste straatje
wat we insloegen was net een begrafenis gehouden en waren ze bezig op te ruimen
hiervan. Er stonden busjes volgeladen met bakken met witte chrysanten. We liepen
hierlangs een kwamen in straatjes terecht met de huizen waar de Geisha’s wonen
en opgeleid worden. We namen ook de kleinere smalle achterstraatjes en zagen de
volledig afgeschermde van donker houten huizen. Op een gegeven moment liepen we
langs een huis waar een Geisha aan het oefenen was op een tokkelinstrument en
hierbij zong. Het was heel apart om met zijn tweeën hier in het supersmalle
straatje te lopen en dit te horen. Het was zo echt, was het gevoel wat we erbij
hadden. Erg leuk vonden we dit. We slenterden nog langere tijd door dit soort
straatjes en kwamen uiteindelijk aan de rand van Gion terecht bij een
busstation. Hier liepen we langs en kwamen uit bij een hoofdweg, dezelfde weg
waar het hotel aan lag, maar dan een paar kilometer verder. We gingen inkopen
doen in een supermarktje en namen de metro die hierbij was. We kochten onze
kaartjes en stapten uit bij het station bij ons hotel en liepen naar ons hotel
toe. Anne-Marie bestelde aan de balie van het hotel een taxi voor de andere
ochtend, dan moeten we om 06:55 de kogeltrein naar Hiroshima nemen en vroeg op
het station van Kyoto zijn wat zo’n 20 minuten rijden vanaf het hotel is. We
gingen naar onze kamer, aten hier ons meegenomen brood als avondeten op en
zochten onze zwemkleren en gingen naar heet zwembad van het hotel. Ik trok een
paar baantjes in het zwembad en ging toen gauw in de jacucci zitten die hier
stond te borrelen, heerlijk. A-M trok veel meer baantjes in het zwembad en kwam
een tijdje later in de jacucci. We bleven hier een tijdje in het warme water
zitten een na een tijdje was ik het zat, droogde me af en ging in de sauna
waarvan er hier een was in de herenkleedkamer en een in de vrouwenkleedkamer. Ik
hield het niet lang vol in de sauna, douchte me en droogde me af en kleedde me
aan. Ik moest nog even op A-M wachten en samen liepen we terug naar onze kamer
voor verfrissing en nachtrust.
Dinsdag 24 Juni 2008
Vanmorgen extra vroeg opgestaan om 05:15 omdat we
vandaag naar Hiroshima en Himeiji gaan en onze Shinkansen vertrekt al om 06:55
van Kyoto station en onze taxi naar het station pikt ons al om 06:15 op bij het
hotel. We wasten ons dus snel en zorgden dat we op tijd beneden in de lobby
waren voor de taxi.
Vandaag was het de dag van de Shinkansen. Misschien
moet ik hierover wat uitleggen. Shinkansen is de hoge snelheidstrein van Japan.
Bij ons worden ze ook wel kogeltreinen genoemd. Deze reed hier al terwijl wij in
Europa er nog over moesten gaan nadenken. Het is hier ook een volledig geïntegreerd
reissysteem opgenomen in, en als aanvulling op de andere reissystemen die hier
zijn. Meestal staat er naast een gewoon trein/bus/metrostation hier een apart
station voor de Shinkansen. Dit omdat vanwege de hoge snelheden de sporen erg
recht moeten lopen en de wielbasis van de treinen breder is dan de gewone
treinen en dus rijden ze op aparte sporen. Er zijn in Japan drie types
Shinkansen: de Kodama, Hikari en Nozomi treinen. De Kodoma is de langzaamste
snelheidstrein en wordt ingezet op trajecten met veel stops. De trein heeft
rijdt gewoonlijk 200Km per uur. Kodoma betekent Echo. De Hikari is middelsnelle
trein en rijdt gewoonlijk 220Km per uur op zijn trajecten. Hikari betekent
lichtstraal. De Nozomi is de modernste en supersnelle trein en rijdt gewoonlijk
300Km per uur op zijn trajecten. Nozomi betekent hoop of wens(zelfde betekenis
in Japans). Toen we beneden kwamen in lobby stond de taxi al op ons te wachten
en we liepen er naartoe. Achter ons aangerend kwam een hotelmedewerker, want we
deden het weer helemaal verkeerd. We hadden moeten wachten onder de grote
overkapping van het hotel en de taxi moest voorrijden voor ons. We liepen dus
terug en inderdaad kwam hij voorrijden en nu mochten we dus pas instappen en dat
terwijl ik al met de deur in mijn hand gestaan had. Zo gaat dat in Japan, je
houdt je aan de etiquette en regels en wijkt daar nooit vanaf. We werden door de
chauffeur naar het station gereden en onderweg graaide hij naar iets in zijn
handschoenvakje en gaf ons twee pakketjes. Na nadere inspectie bleken dit
tissues te zijn. Ok, wij vroegen ons af waarom hij dit ons gaf, maar wel aardig
van hem. We stapten uit bij het station en liepen naar de ingang van de
Shinkansen. We gingen met onze tickets die we eerder al gekocht hadden door de
ticketgates heen en vroegen aan iemand naar welk perron we moesten gaan. De
mensen die bij de ticketgates staan zijn altijd enorm vriendelijk en heel
behulpzaam. Er wordt dan snel door hun een boek bijgepakt en ze zoeken snel uit
waar en hoe je dan ergens heen moet en we kregen dus dan ook te horen dat we op
perron 13 moesten zijn. We liepen door de hal er naartoe en namen de roltrap
omhoog naar het perron. Hier moesten we nog even wachten en tijdens dat wachten
liep ik nog even rond en filmde en nam foto’s van Shinkansen die hier af en
aan reden. Ze hebben van die hele lange puntige cockpits en zijn heel apart om
te zien. Op een gegeven moment reed onze Nozomi Shinkansen voor en we stapten
in. Wij hadden gereserveerde plaatsen en zochten deze op en namen plaats. De
trein reed al snel weg en maakte vaart en reed sneller en sneller en al snel
zagen we buiten de gebouwen echt voorbij flitsen. Ook de bergen waar we langs
reden zie je dan echt snel aan je voorbij trekken. De trein reed zelfs gladder
op het spoor als een normale trein en het is een golvend gevoel zoals deze over
de sporen zoeft. Al snel reden we de 300Km dat deze kan gaan. De conducteur
meldde zich aan. De deur van het treinstel ging open, hij maakte een diepe
buiging, iedereen welkom zei hij erbij (vermoed ik) en liep het treinstel in en
controleerde de kaartjes. Aan het einde gekomen van ons treinstel draaide hij
zich om en maakte wederom een diepe buiging en verliet het treinstel naar de
volgende en door het ruitje kon ik zien dat hij daar weer begon met de volgende
diepe buiging. Een tijdje later kwam het koffiemeisje met haar karretje, en ja
hoor, ook zij kondigde zich aan en boog diep en het hele ritueel herhaalde zich
elke keer als zij of de conducteur het treinstel in of uit ging. Moeten ze eens
bij ons in gaan voeren… De onverzorgde langharige zwabbers die bij ons dit
werk doen gaan gelijk staken. Nee, dan is het hier een veel netter land. We
stopten onderweg naar Hiroshima drie keer heel kort en de rit duurde net iets
langer dan 1,5 uur. Een simpele rekensom leert ons dan dat de afstand die we
afgelegd hebben dan ongeveer schat ik 425 kilometer moet zijn en dat is ongeveer
van Delft naar Mannheim in Duitsland. Op het station van Hiroshima stapten we
uit en zochten de uitgang en vroegen bij een infobalie hoe we naar het A-Bomb
Memorial moesten gaan. We werden uitgelegd hoe we naar de tram moesten lopen en
liepen naar de trams toe. Hier vroegen we aan iemand welke tram we moesten nemen
en we moesten of tram 22 of tram 6 nemen. Het werd tram 6. Dit was een oude tram
zoals wij die heel lang geleden hadden rijden. We reden met de tram en naarmate
we de richting van het epi-centrum van de ontploffing reden zagen we dat er
alleen nog maar warenhuizen en moderne gebouwen stonden. Natuurlijk was alles
opnieuw opgebouwd. Geen enkel oud gebouw was hier nog over. We kwamen aan bij de
voet van een brug en stapten uit. Hier naast de brug staat als monument een ruïne
van een gebouw met koepel. Dit is het A-Bomb memorial gebouw. Alleen de stalen
constructie van de koepel staat er nog en het karkas van het gebouw. Het moest
destijds wel een hele sterke constructie gehad hebben omdat verder alles weg was
binnen een straal van 4 Km van de explosie. We liepen de brug op en dit was een
aparte brug. Het was een brug met een T-splitsing van een andere brug. Precies
in het midden van de brug begon een andere brug naar Memorial Park. Op 6
Augustus 1945 is op 500meter, precies boven deze T-splitsing (die daarom als
target uitgezocht was voor herkenbaarheid door de Amerikanen)van de bruggen de
eerste atoombom “little boy” door de Enola Gay uitgeworpen tot ontploffing
gebracht.
Direct
met zijn eerste drukgolf doodde de bom ongeveer 80000 inwoners van de stad. De
meeste slachtoffers vielen door de lange arm van de bom, zijn radioactiviteit.
Die
eiste in de loop der jaren nog eens het dubbele aantal slachtoffers. Treffend in
de verslagen zijn zinnen als ‘de lichtflits was misschien wel tien keer zo
sterk als de zon’ of ‘een half uur later begon het ten noordwesten van de
stad te regenen. Zwarte regen, regen vol met stof, roet en radioactiviteit’.
Totaal zijn naar schatting in de nasleep van deze atoombom er in totaal
waarschijnlijk meer dan 200000 mensen aan overleden. Het was enorm indrukwekkend
om hier te staan op de splitsing van de bruggen en te beseffen dat de atoombom
hier 500m recht boven je hoofd is ontploft. We liepen het memorial park in en
kwamen als eerste bij een klokkentoren aan met een moderne Seiko klok. Op de
uitleg hierbij stond dat deze klok elke ochtend precies om kwart over acht luid.
Dat is de tijd van de ontploffing van de atoombom. Een stukje verder stond de
peace bell. Een verhoging met een grote bel in een torentje. Hierbij hangt aan
een ketting een stuk boomstam. Iedereen die wil mag de bel luiden en doet dat
voor wereldvrede en als waarschuwing dat dit nooit meer mag gebeuren. Ik luide
de bel en Anne-Marie filmde dat. De bel klinkt dan luid door het park heen en de
hele tijd dat wij hier liepen hoorden we af en toe de bel geluid worden. We
wandelden verder en het was weer zo’n hete benauwde dag waarvan we er al veel
gehad hadden hier in Japan. We kwamen aan bij het volgende monument. Dit was het
monument voor de kinderslachtoffers van de atoombom. Rond de voet van dit
monument staan allemaal vitrines helemaal volgestouwd met papieren kraanvogels.
Sadako Sensaki (foto)woonde in Hiroshima
op
het moment dat de bom viel en was aan het spelen. Ze bevond zich met haar oudere
broer maar twee kilometer van het episch centrum maar was niet zichtbaar gewond.
Een paar jaar later kreeg Sadako leukemie. In het ziekenhuis begon ze met het
vouwen van kraanvogels. Een kraanvogel staat voor geluk, gezondheid, een lang
leven. Ze dacht dat als ze 1000 kraanvogels zou vouwen ze weer gezond zou
worden. De bamboeklas, klasgenoten van de zieke Sadako, hielpen haar met het
vouwen van kraanvogels. Toen ze er 964 had gevouwen is ze op twaalf jarige
leeftijd gestorven. Na haar overlijden besloten zij een Kindervredesmonument in
Hiroshima te maken. Niet alleen voor Sadako maar voor alle kinderen die hier
omgekomen zijn. Zij schreven op het monument: Dit is ons gebed - Dit is onze
schreeuw – Vrede. Heel indrukwekkend dus om hier te zijn. We liepen verder
door het vredespark en kwamen bij het Korean Memorial monument. In de oorlog
vochten er Koreaanse soldaten mee aan Japanse zijde en er waren er hiervan 2000
gelegerd in Hiroshima die allemaal omkwamen. Voor hun stond dit monument hier.
Veel indrukwekkender was de heuvel die hier was in het park met bloemen ervoor
en Japanse spreuken op houten latten. Er waren zoveel doden ineens door de
ontploffing dat de Japanners hier een massagraf moesten maken. Deze heuvel ligt
midden in het vredespark en hier liggen naar schatting 10000 doden in. We liepen
verder en staken de straat over. Hier begon het terrein van het Memorial Museum
een hier staat een monument wat de Cenotaaf heet, een betonnen boog en als je
daar doorheen kijkt zie je eerst de eeuwige vlam met op de achtergrond de koepel
van het Memorial gebouw/ruïne. De eeuwige vlam zal blijven branden totdat alle
kernwapens uit de wereld zijn. We liepen naar de ingang van het A-bomb Memorial
Museum en gingen naar binnen en kochten ons kaartje liepen naar de eerste
tentoonstellingsruimte. Hier was veel info over de weg naar de oorlog. Het
vooroorlogse verleden van Hiroshima en Japan. Ook waren hier twee maquettes met
de voor en na situatie van de atoombom. Hiroshima bestond zoals nog steeds bijna
alle Japanse steden voornamelijk uit houten huizen. Je begrijpt wel dat alles
binnen een straal van 4Km volledig weggeslagen was. Hier was uitleg over de
beslissingen die genomen waren en de manier waarop de keuze gevallen is op
Hiroshima als eerste stad voor de atoombom. Hiroshima was niet de eerste stad op
de lijst van de Amerikanen, maar doordat er bewolking hing boven hun eerste
doelwit is het lot van Hiroshima bepaald. Er was hier van alles te zien en te
lezen en ik nam hier veel tijd. We liepen naar het tweede gedeelte van het
museum toe en hier waren de meer schokkende dingen. A-M kon het op een gegeven
moment allemaal niet meer aanzien en liep door en ging op mij zitten wachten.
Hier stonden dingen als een verbrande driewieler, gesmolten zware stalen
steunbalken van gebouwen. Stalen gesmolten ballen. Boeddhabeeld met zwarte roet
erop. Er stonden hier poppen met de vellen die eraan hingen in een soort stenen
ruïne decor opzet. Er hingen ook veel foto’s van de verbrande slachtoffers,
het was allemaal heel luguber. Ik keek er naar en las het meeste een zag nog
even de kopie van de atoombom Little Boy die hier ook hing en kwam uiteindelijk
weer uit op een gang waar A-M op me zat te wachten en hier waren op planken
langs de wand allemaal boeken waar je kon intekenen en ik deed dat ook. Ik vond
dit een zeer indrukwekkende morgen en je kreeg er wel een zwaar gevoel van als
je hier liep. Het was inmiddels al twaalf uur geweest en we liepen snel terug
naar de tramhalte en namen de tram terug naar het station. Hier aten we wat in
een restaurantje en rustten zodoende een beetje uit. Vervolgens gingen we weer
naar het Shinkansen station en namen de Nozomi Shinkansen naar Himeiji. Na een
uur kwamen we aan in Himeiji en buiten gekomen namen we de taxi naar Himeiji
Castle. Himeiji Castle is een enorm groot houten gebouw met een erg groot
terrein met dikke muren er omheen en een slotgracht. Het was al half drie toen
we een kaartje kochten en het kasteel binnen liepen. Dit is het eerste kasteel
wat we bezochten op slippers. In het kasteel moest je je schoenen uittrekken en
in een plastic zakje meenemen en slippers die hier stonden aan. Zo liepen we
door het kasteel heen wat niet ingericht was. Je zag nog wel wapenrekken en
wapens. Dit kasteel had zes verdiepingen en je kon helemaal omhoog met erg
steile trapjes. Helemaal boven gekomen hadden we een prachtig uitzicht over de
stad. We keken rond en maakten veel foto’s van het kasteel met al zijn diverse
dakpunten, ornamenten e.d. We liepen weer naar beneden en liepen het
kasteelterrein weer af over de brug die over de slotgracht was. We liepen om de
slotgracht heen en kwamen uit bij de kasteeltuinen. Dit zijn allemaal tuinen in
verschillende stijlen met om elke tuinstijl een muur en een poort om binnen te
komen. Dit was een hele mooie Japanse tuin met theehuis en we schoten zoveel
foto’s dat alleen ik al op deze dag alleen meer dan 350 foto’s gemaakt heb.
Om zes uur waren we nog de enigen die in de tuin rondliepen en we gingen eruit
en liepen op ons gemak de kilometer terug naar het station van Himeiji en
zochten de Shinkansen en namen de Hikari Shinkansen deze keer. Nu hadden we alle
drie de uitvoeringen die er van de Shinkansen zijn gehad. We stapten over in
Shin-Osaka en daarna waren we weer in Kyoto terug. Hier liepen we naar het
station van Kyoto en dit is een merkwaardig gebouw met een groot winkelcentrum
erin dat “The Cube”heet. We namen de roltrappen naar de 11e
verdieping. Deze liggen allemaal in elkaars verlengde in de lengterichting van
het gebouw. Boven aangekomen zochten we een restaurantje uit en we hebben
heerlijk een pizza gegeten. Na de pizza was het donker en we liepen naar buiten
en waren zo hoog hier dat je een mooi uitzicht over Kyoto had en je kon ook
helemaal het winkelcentrum en station inkijken. Ook Kyoto Tower was mooi
verlicht en ik nam hier veel foto’s. Aansluitend zijn we met de metro terug
gegaan naar het hotel voor verfrissing en nachtrust en we waren net over negenen
op de kamer.
Woensdag
25 Juni 2008
En het
is zover, onze laatste dag in Kyoto. Wederom vroeg opgestaan en A-M kwam om
07:15 uit bed. We knapten ons snel op en gingen op weg. Vandaag staat de Gouden
Paviljoen Tempel en Winkelen op het programma. Als eerste op weg naar de Gouden
Paviljoen Tempel. Naar metrostation Keage om de hoek van het hotel. Kaartjes uit
de automaat halen en lopen naar het platform. Even later was de trein er al en
erin. Deze keer ging de reis helemaal naar het eindstation van de Tozai Line,
station Uzumasatenjingawa(spreek het eens snel uit;_).
Al snel waren we daar en liepen het metrostation uit de straat op. Hier
waren de tramhaltes voor de Keifuku lijn en we zochten uit bij welke halte we
moesten staan en wachtten totdat de tram eraan kwam. Ja hoor, daar kwam hij. Het
was een echte oude tram zoals er bij ons al sinds 1900 niet meer rondrijden. Bij
deze was een dieselmotor ingebouwd en dat kon je duidelijk horen. De diesel
drijft dan een generator aan en deze verzorgt dan weer de stroom voor de tram.
We stapten in de tram en het was echt een tram van rond 1900 zo te zien. Gouden
rekken om je tas aan op te hangen gemonteerd op sierlijke gouden steunen. Voor
de rest was de tram van binnen geheel in hout uitgevoerd. Wij waren nog nooit in
zo’n mooie tram geweest. We reden dus met deze tram naar een halte waar we ook
nog eens een keer over moesten stappen op een andere tram en reden daarmee naar
halte Kitanohakubaicho(ja, ja). Hier stapten we uit en keken op de kaart hoe we
moesten lopen. We begonnen de lange straat langs te lopen en daar we nog niet
ontbeten hadden keken we uit naar een plaats om dat te doen. Op een gegeven
moment kwamen we bij een Coffeeshop aan en gingen hier naar binnen. Zij hadden
een ontbijtkaart en we namen ieder hiervan toast met een gekookt ei. Ook kregen
we sla hierbij met een lekker sausje wat een beetje naar pindasaus smaakte. Ik
had er koffie bij en A-M thee. Na hier lekker ontbeten te hebben liepen we
verder en we hadden eerder de weg aan iemand gevraagd die ons heel vrolijk
vertelde dat we bij het vierde stoplicht linksaf moesten en dan waren we er. Hij
had helemaal gelijk gehad en na het uittellen van het vierde stoplicht gingen we
linksaf en zagen aan de horden met mensen die hier heen liepen al dat we goed
zaten. Dit was overduidelijk de toeristische trekpleister van Kyoto. Hele
busladingen schoolkinderen in uniform(Over het algemeen dragen de schoolmeisjes
hier witte netjes opgetrokken kniekousen, blauwe geruite rok en witte bloes).
Hele zwermen liepen er hiervan en de toeristen waren ook in grote getallen
aanwezig,maar vielen in het niet bij de schoolkinderen. We liepen naar de
ticketverkoop en kochten onze tickets en gingen naar binnen. Dan ben je al gauw
aan het meertje waar het Gouden Paviljoen in staat. Hier stonden alle
schoolkinderen en de andere(overwegend Amerikaanse) toeristen zich te verdringen
voor een goede plek om foto’s van elkaar te maken en ook wij begonnen een
plaats te zoeken en te claimen om een foto te maken. Aan onze foto’s zie je de
drukte niet af, maar neem aan dat het absurd was, en een herrie dat die
schoolkinderen maakten. Ik hoorde een gids vertellen dat ze meer dan 200000
vellen bladgoud gebruikt hadden om het huis te beplakken. Het was een gouden
huis van twee verdiepingen wat ooit een woonhuis geweest is van de Shogun van
Kyoto. Deze Shogun ging op latere leeftijd een leven als monnik leven en het
schonk het aan een monnikenklooster. Vanaf dat moment is het Gouden Paviljoen
geweid en gebruikt als Tempel. Elke dag bidden de monniken in de Tempel en zij
zijn ook de enigen die erin mogen komen. Wij liepen dus met de horde mee er
omheen en aan de zijkant van het huis vroeg een Amerikaans stel uit Chicago of
ik een foto van hun wilde maken en dat deed ik natuurlijk en vroeg hun of ze een
foto van ons wilden maken. Zij maakten een foto van ons en we liepen verder door
de tuin om het paviljoen heen en kwamen uit bij winkeltjes een kochten hier een
vaasje met het paviljoen erop voor mijn vader als souvenir van onze vakantie.
Hierna liepen we naar de uitgang en kwamen bij de hoofdstraat aan. Hier liepen
twee agenten het verkeer te regelen en we vroegen de weg naar het Kitaoji
station aan de agent. Deze agent had er duidelijk erg veel plezier in om ons uit
te leggen hoe we moesten gaan en was zeer vriendelijk zoals alle mensen hier
tegen ons geweest zijn in Japan. We moesten doorlopen en om de hoek van de
eerstvolgende straat zou een bushalte zijn. We moesten daar niet bus 12 een 56
nemen, maar alle andere bussen was ok. We bedankten hem vriendelijk en liepen
naar de bushalte en namen hier toen hij kwam bus 204. We reden met de bus naar
Kitaoji station wat nog best een aardig stuk was en liepen hier het metrostation
in en kochten kaartjes voor station Schijo en liepen naar het perron. Even later
kwam de trein een we reden deze mee tot Schijo station en liepen het station uit
op de straat. A-M wilde winkelen en hier waren allemaal warenhuizen had ze
gelezen. En ja hoor, die waren hier. We liepen het grootste warenhuis in wat we
tegen kwamen en kwamen tot de conclusie dat dit niet was wat we zochten. Ze
verkochten hier voornamelijk kleding en de warenhuizen waren hier voornamelijk
gericht op kledingverkoop voor de in Kyoto wonende Japanners en niet ingesteld
op toeristen die op een leuk souvenir uit waren. We liepen dus maar terug naar
hetzelfde metrostation en kochten kaartjes voor station Kyoto en reden daarheen.
Als je hier het metrostation uitkomt loop je zo “The Cube” binnen, een enorm
modern en erg groot winkelcentrum in een prachtig apart modern architectonisch
gebouw. De roltrappen zijn hier niet zoals op de meeste plaatsen zigzag boven
elkaar, maar liggen in elkaars verlengde. Dus als je een roltrap afkomt loop je
vijf meter rechtdoor een stapt op de volgende en dat dan 11 roltrappen en hele
lange. Je kan je voorstellen hoe lang dit gebouw dan wel niet was. Je eindigde
boven dan ook een paar honderd meter verder dan je beneden begon. Maar wij
gingen uit het metrostation (nog) niet naar boven met de roltrappen en staken de
straat over naar de kant waar Kyoto tower staat. Hier net om de hoek was een
McDonalds (had ik naar geïnformeerd bij de infobalie in The Cube) en hier
gingen we eten.
Na het
eten was er een deur verder in hetzelfde gebouw als de MacDonalds een hele grote
souvenirwinkel en hier hebben we souvenirs ingekocht voor onszelf en familie.
Hierna wilde A-M nog even naar de afdeling die ze gisterenavond in The Cube
gezien had op de 11e verdieping, maar toen net voor ons sloot. We
liepen naar The Cube en gingen nu wel met de roltrappen omhoog. Hier waren op de
9e verdieping een paar ijswinkels en we namen ieder een ijsje. Dat
van A-M was erg lekker, want er zat bevroren mango in en dat smaakt zo best
lekker. Ik had een softijsje met karamel erover en dat was ook lekker. Toen we
op ons gemak het ijsje opgegeten hadden liepen we naar buiten en namen de
resterende roltrappen naar de 11e verdieping. Hier vandaan keek je
mooi diep terug in de open hal van het station van Kyoto. We liepen het gebouw
in en naar de afdeling met de waaiers en eetstokjes e.d. A-M kocht hier voor
haar eerder gekochte waaier een hoesje een ik kocht ook nog een klein waaiertje
voor achter mijn Japanse pop die op mijn vensterbank in mijn kamer komt als
aandenken aan deze vakantie. Inmiddels wordt die vensterbank aardig vol en er
staan van alle verre reizen die we gemaakt hebben items op, die nu weer iets
dichter tegen elkaar geparkeerd moeten worden. Toen we hier klaar waren namen we
de metro weer terug naar ons hotel. Hier begonnen we met de zware taak van het
inpakken en opnieuw indelen voor onze inmiddels met souvenirs aangevulde
koffers. Dat was een taak voor A-M. Ik ging dit verslag schrijven en heb onze
reserveringen voor het vliegtuig gemaakt via internet bij Finnair voor morgen.
Ik sloeg onze boardingspasstickets op mijn USB-stick op en liep met deze stick
het hotel in. Ik ging naar de balie in de foyer en vroeg of ze de boardingpassen
voor me konden afdrukken. Daar moest ik voor naar de tweede verdieping naar het
business center en ik liep die kant op. Hier moest ik voor in een andere vleugel
van het enorme complex zijn en ik ging links een gang in en een roltrap af en
kwam bij winkeltjes. Daar ging ik even kijken. Ik vond hier een leuke pillendoos
en daar was ik al naar op zoek en kocht die hier. Ook kocht ik voor Roy iets
omdat hij ons op komt halen op schiphol. Dat is moeilijk iets uitzoeken voor een
man, maar ik hoop dat hij het leuk vind.
In de
foyer is ook nog een hoek waar je gebak en koffie kan eten en daar wij vandaag
de laatste vakantiedag hadden en A-M op haar verjaardag nog helemaal geen gebak
of iets feestelijks had gehad, kocht ik hier twee taartpunten die we vanavond
als dessert lekker samen op de kamer met een kopje thee zouden op eten.
Einde
van weer een leuke(en onze laatste) dag in Japan.
Donderdag
26 Juni 2008
Vanmorgen zijn we opgestaan om 07:00. We hebben ons
opfrist en zijn met de koffers naar de balie gelopen van het hotel. Ik rekende
af en hierna zijn we naar de wachtruimte voor de hotel shuttlebus gelopen. Om
08:15 reden we in de bus weg bij het hotel en na 20 minuten waren we op Kyoto
station aangekomen. We kochten hier onze treinkaartjes voor de Haruka
trein die naar Kansai Airport gaat. We hadden nog niet ontbeten en
zochten een coffeeshop en hier gingen we ontbijten. Ik had toast en een gebakken
ei en A-M had hetzelfde maar dan een gekookt ei. En thee en koffie hadden we
erbij. We hebben op ons gemak zitten ontbijten en na het ontbijt zijn we naar
het perron gelopen. Dat was echt een enorme afstand naar het verste plekje van
het station, wat het grootste station is dat ik ooit gezien heb. A-M had het er
maar moeilijk mee en kwam een tijdje na mij bezweet bij de plaats aan waar de
wagens 5 en 6 zouden stoppen, want dat waren de ons aangewezen treinstellen waar
we met een niet gereserveerd kaartje in mochten. Om vijf over half tien kwam de
trein voor het perron rijden. Er stapten bij alle ingangen schoonmakers in en er
werd een verboden in te stappen bordje in de deuropening gehangen en de meisjes
gingen aan het werk. Door de grote ramen stond ik hiernaar een beetje te kijken
toen ik opeens de banken in de trein automatisch zag draaien. Hier in Japan zit
je dus nooit tegen de draairichting in als je dat niet wilt. Gaat de trein weer
de andere kant op, dan draaien de banken gewoon. Even later waren de meisjes
klaar. Er liep nog even een jonge chef van hun ter controle door alle wagons
heen en de bordjes werden weggehaald bij de deuren, de meisjes stapten uit en we
mochten erin. We stapten in en zetten onze koffers in de rekken die gelijk in de
instaphal waren en zochten een plek op en gingen zitten. Naast ons kwam een
Japanner aanlopen en die drukte met zijn voet op een pedaal die onder alle
banken zit en draaide de bank van twee stoelen om en zo kon hij met zijn collega´s
bij elkaar zitten met zijn vieren. Leuk systeem, moeten ze in Nederland ook
toepassen. We reden precies om kwart voor tien weg uit Kyoto. We maakten
onderweg nog drie stops in Osaka en om ca elf uur reden we de brug op die je
naar het eiland in zee voert waar Kansai International Airport op ligt. Eenmaal
over de brug kom je aan in het Terminal gebouw. We stapten uit en volgden de
borden internationale vluchten en het bleek dat ze hier twee terminals gebruiken
voor internationale vluchten. Op de borden zagen we dat Finnair vertrekt van de
noordelijke terminal en die borden volgden we dan maar. We moesten omhoog met
een lift naar de vierde verdieping en stapten hier uit. Hier kregen we een blik
op de enorme vertrekhal van de bovenste verdieping. Het is een moderne mooie
vertrekhal. We liepen naar de incheckbalie en waren hier gelijk aan de beurt en
de incheck was zo gedaan. We kregen hier twee gratis etenscoupons voor 1000Yen
omdat onze vlucht vertraging had. Gelijk bij binnenkomst zagen we op de borden
dat onze vlucht vertraging had en nu al werd 1 uur vertraging aangegeven. We
hadden dus nog ruim tijd voordat we moesten boarden en liepen naar de derde
verdieping waar alle shops zaten en gingen hier winkelen. We kochten ook nog wat
dingetjes en op een gegeven moment was het al 12:30 en was het tijd om wat te
gaan eten. Ook op deze derde verdieping waren allemaal restaurantjes en we
zochten er een uit en gingen hier lekker op ons gemak eten. Ik had sla, patat en
kip en A-M had een ovenschotel gekozen. Na het eten rekende ik af en gebruikte
de gekregen coupons en uiteindelijk hadden we met bijbetaling hier dan
omgerekend voor 10cent(euro) gegeten. Dat maakte natuurlijk dat het extra lekker
smaakte. We liepen na het eten naar de douane en gingen hierdoor en liepen op
ons gemak de borden na die ons naar gate 5 voerden waarvan we moesten
vertrekken. De borden volgend kwamen we uit bij een monorail die we in moesten
om naar een ander terminal gebouw te gaan en dat deden we. In het andere
terminal gebouw aangekomen liepen we naar gate 5 en gingen hier zitten wachten.
Roy zou ons op komen halen en ik stopte de wireless internet kaart in mijn
laptop en zag dat ik hier bereik had en stuurde Roy een mail om hem erop te
wijzen dat het er nu op leek dat we vertraging hadden. Voor de rest was het
wachten totdat we aan boord konden. Om 15:20 mochten we eindelijk aan boord en
liepen naar onze plek op rij 55 van de McDonald DC11. Al gelijk viel mij op dat
er in de rugleuning van de stoelen in dit vliegtuig geen schermpjes zaten en dat
het een verouderd vliegtuig was. Alleen de grote schermen hingen in de
gangpaden. We gingen zitten en we zaten op een rijtje van drie personen en naast
ons kwam een Fransman zitten waarmee we de hele vlucht geen woord gewisseld
hebben. We vertrokken en deze vlucht ging weer over het uiterlijke noorden van
Siberië en Rusland en de hele tijd zag ik uit mijn raampje bevroren meren en
een troosteloos stijf bevroren landschap en de noordelijke kustrand van Rusland.
Net als op de heenweg is het tijdens de hele vlucht niet donker geworden vanwege
het noordelijke licht. Het vliegtuig zat voornamelijk vol met Japanners
aangevuld met aardig wat Fransen en de hier een daar verdwaalde Amerikaan. Ik
heb op deze vlucht geen andere Nederlanders kunnen ontdekken. Het was ook een
zeer saaie vlucht. De filmen waren niet leuk en de ene film was Japans
nagesynchroniseerd en de andere volkomen oninteressant. We dommelden daardoor
veel en verveelden ons erg. We hadden beide de boeken die we meegenomen hadden
inmiddels uitgelezen. Na iets meer dan 9 uur vliegen landden we op het vliegveld
van Helsinki. Finland dient zich vanuit de lucht wel duidelijk aan. Je ziet dan
alleen nog maar een landschap onder je van dichte bossen en erg veel meren. Op
het vliegveld van Helsinki moesten we weer door een douanecheck heen en dit was
de strengste die we ooit meegemaakt hadden. Ik denk dat het kwam doordat hier
alleen een groep onervaren jonge meisjes was die het werk moesten doen en op hun
manier hun uiterste best deden en daar veel te ver in gingen. Het ging allemaal
veel te traag. Elke tas die we bij ons hadden moesten ze iets uit zien nadat het
door het röntgenapparaat geweest was. Na hier best wel even opgehouden te zijn
moesten we gelijk doorlopen naar onze gate 18(we kwamen aan bij gate 32) omdat
we een uur vertraging hadden gehad, hadden we nog maar minder dan een uur om
over te stappen. Na het oponthoud bij de douanecheck was dat natuurlijk nog
minder. Al lopende naar onze gate hoorden we al meerdere oproepen voor mensen
die van de vlucht van Osaka gekomen waren die nog voor de check stonden te
wachten en waarschijnlijk hun aansluiting zouden gaan missen door de langzame
meisjes van de douane. Wij waren gelukkig wel op tijd en konden zelfs nog even
wachten. Na een tijdje mochten we instappen en dit keer was het een heel klein
vliegtuigje waar maar 76 mensen in gingen en hier was ook geen Japanner meer
bij. Dit waren allemaal zakenmensen zo te zien aan de nette pakken die ze
droegen. Het vliegtuigje had twee rijen van twee
stoelen en wij zaten op rij 4 aan de linkerkant van het vliegtuig. We stegen
vlot op en het vliegtuigje bleef redelijk laag vliegen zag ik uit het raam. Dat
kan niet hoger geweest zijn dan ca 4Km volgens mij. Wederom nergens een
schermpje te zien en dus is dat maar een schatting van mij. We vlogen in 2 uur
en 20 minuten terug en landden weer op de verre baan van schiphol. We reden net
als op de heenweg langs het gebouwtje waar Aron werkt en het vliegtuig werd
geparkeerd en we liepen door de sleuf het vliegtuig uit naar de bagagehal. Hier
kwam maar 1 koffer van ons aan en toen de tweede er niet kwam en de schermen
aangaven dat alles uitgeladen was liepen we naar een kantoortje om dit aan te
geven. Ik vulde hier wat formulieren in en de mevrouw die me hielp kon in haar
systeem zien dat onze koffer in Helsinki was achter gebleven en de andere dag om
10:00 weer in Nederland aan zou komen. Dan zouden zij verzorgen dat de koffer
per koerier thuis afgeleverd zou worden. A-M was vast al naar buiten gelopen
naar Roy omdat het anders te lang zou duren en toen ik klaar was liep ik ook
naar buiten en werd verwelkomt door Roy. We liepen naar de auto en Roy bracht
ons naar huis, waarmee na het omdraaien van onze huissleutel en ons huis binnen
stappen dus echt onze vakantie aan zijn eind gekomen was. Een vakantie die wat
ons betrof bij onze toppers hoorde en we hebben zeker nog eens zin om terug te
gaan naar Japan.
Mijn
conclusie over Japan en de Japanners:
Ik had voor deze vakantie niet zo’n erg positief beeld over de Japanners en moet zeggen dat ik daar volledig op terug moet komen. We hebben veel gereisd over de wereld en met de Thaise mensen zijn de Japanners de meest vriendelijke mensen die we ooit zijn tegen gekomen. Ze staan altijd klaar om je te helpen en als ze door hebben dat je een beetje staat te zoeken benaderen ze je en proberen ze je te helpen. Al gaat dat vaak ook niet door de taal, doen ze toch hun uiterste best om je te helpen. Dat doen ze duidelijk niet zo gemaakt als de Amerikanen dat doen. De Japanners doen het duidelijk omdat ze het leuk vinden om je te helpen en vragen ook altijd waar je vandaan komt en als je dan Olanda zegt, weten ze wat je bedoeld. Holland of Nederland zegt hun helemaal niets, pas bij het woord Olanda komt het begrip. De economie van Japan is niet meer wat het geweest is en hun booming jaren zijn echt voorbij. Het was ook duidelijk te zien wat hier mede aan ten grondslag ligt. In Japan werken ze een beetje op een communistische manier. Er zijn veel te veel mensen voor het uit te voeren werk. Ik bedoel hiermee dat bv bij Tokyo Tower er een hele groep meisjes in de hal stond om je alleen maar naar je lift te begeleiden. Daar had 1 meisje meer dan afdoende geweest. Op veel plaatsen zie je dat er veel te veel medewerkers bezig zijn voor het te behappen werkpakket. Daar ga je het op de lange duur niet mee redden. 1 Nederlander verzet het werk wat in Japan door 3 mensen gedaan wordt is zo mijn inschatting. Het idee wat we hadden dat Japanners harde werkers zijn is ook niet juist. In tegendeel, ik vond dat er best wel wat meer pit in mocht en dat ze allemaal erg langzaam werkten. Als Japan weer wil gaan meedraaien op de wereldmarkt zullen ze de touwtjes strakker aan moeten trekken en wat harder moeten gaan werken. Japanners zijn duidelijk een volk met gewoontes en normen die enorm verschillen van de rest van de wereld. De oorzaak ligt er natuurlijk in dat Japan zelf bewust altijd hun eilanden afgeschermd gehouden hebben in het verleden van de rest van de wereld. Japanners zijn ook een bang volk als ze buiten hun grenzen komen. Ze blijven angstvallig bij hun groepen en raken in paniek als ze eventjes de groep kwijt zijn. Dit hebben we op het vliegveld van Helsinki gezien toen een Japanse vrouw zich tussen de mensen aan het doordringen was die uit de slurf van het vliegtuig liepen en begon te rennen. Even later zagen we haar in de hal bij de groep Japanners staan die daar allemaal netjes op elkaar wachtten en was haar paniek natuurlijk helemaal voor niets geweest. Die paniek komt doordat Japanners als eerste natuurlijk alleen maar Japans spreken en zich niet kunnen uiten in het Engels zoals bijna iedereen op de wereld dat wel kan. Maar nog een grotere factor is dat ze niet-Japanners niet begrijpen. Hun normen en waarden zijn zo anders dan de onze, dat ze daar in Japan natuurlijk goed mee om kunnen gaan, maar in het buitenland voelen ze zich duidelijk verloren. Ik heb door het naar Japan gaan duidelijk het idee gekregen dat dat het is waarom je Japanners alleen maar als groepen ziet in het buitenland en het taalprobleem pas op de tweede plaats. Het zich moeilijk een houding kunnen geven is ook hetgeen waarom Japanners op ons in ons land of als we ze in het buitenland tegen komen vreemd overkomen. Ik heb de Japanners nu in hun eigen omgeving gezien en heb een heel ander beeld van hun gekregen. Er zijn zoveel normen en waarden in Japan dat het heel gemakkelijk is voor ons om een Japanner te beledigen zonder dat we dit willen of zelfs maar bewust zijn. Omdat het zo warm was hebben wij natuurlijk korte broeken gedragen in Japan. Het viel mij erg sterk op dat ik geen Japanners met korte broeken gezien heb en vermoed ook dat een korte broek ook een “not done” is in Japan, maar weet dat natuurlijk niet zeker. Als je met je voeten naar iemand wijst door ze voor je uit te leggen als je aan een tafeltje op de vloer zit kan dit al als een belediging opgevat worden. In Japan moet je je aan de niveauverschillen in de huizen houden, doet je dat niet dan beledig je de Japanner ook. Zo zijn er talloze regels die er gelden. Bukken, en voor een ouder iemand dieper bukken dan hem of haar is een belangrijke. Niet de Japanner recht in de ogen kijken. Dat vinden ze ook aanstootgevend en doen het zelf ook niet is mij opgevallen. Even bukken of knikken doet wonderen als je iemand tegenkomt. Het ijs is dan gebroken en je erkent elkanders aanwezigheid. Bv als je een winkel binnenloopt knik maar even en je contacten verlopen honderd procent makkelijker dan als je dat niet doet. Dat gaat allemaal in de toekomst minder worden, want ik zie dat de jeugd zich veel minder aan dat soort regeltjes houd en dat doet vermoeden dat het strenge normen en waarden gebeuren in Japan langzaam zal uitsterven. Maar dan heb ik het over 10 a 20 jaar. Het eten in Japan is ook heel anders dan wat wij gewend zijn en ook heel anders dan elders op de wereld. Vooraf heerste bij mij de gedachte dat het wel een beetje gelijk China zou zijn, maar dat was een vergissing. Het eten is hier heel anders en de Japanners eten rauw. Bijna alles van het eten is rauw of kaal gekookt zonder sier. Er is dan vaak een sausje en sojasaus bij, maar dat is dan ook alles ook. Wij vonden het niet lekker, sterker, het Japanse eten stond ons totaal niet aan. Wij zochten waar we maar konden zoveel mogelijk de voor ons eetbare dingen uit. Presentatie van het eten is in Japan minstens zo belangrijk als het eten zelf. Het ziet er altijd prachtig uit wat je opgediend krijgt. De traditionele maaltijden die wij gehad hebben waren voor ons elke keer voor 70% oneetbaar. Er zitten vreemde smaken aan die wij vies vonden. De Miso-soep is een Japanse traditionele soep die wij erg vies vonden en de reuk alleen al maakt je bijna onpasselijk. Zeewier is zo’n beetje het belangrijkste ingrediënt van het Japanse eten en laten wij dat nu allebei heel erg vies vinden. Je begrijpt dat het eten in Japan voor ons geen feest was. Dat wil niet zeggen dat dat voor anderen geld. We hebben ook mensen gesproken die het allemaal heerlijk vonden. De kwaliteit van het eten als in versheid e.d. is in Japan altijd wel top en veel beter dan in Nederland. De enige maaltijdverbazing van Japan voor mij was een curry die ze hier maken. Die was erg lekker en heb ik ook een aantal keer gegeten hier. Deze curry moet ook een Japanse specialiteit zijn, daar je het in heel Japan tegen kwam. Japanners hebben ook een andere smaak dan wij. Je komt ze tegen dat ze als snoep gedroogde visjes uit zakjes eten en daar duidelijk van zitten te smullen. Ondenkbare dingen zitten ze soms met plezier naar binnen te werken. Japan is ook het land van de lunchpakketten. Deze worden overal verkocht en je ziet de Japanners ook overal deze lunchpakketten met rijst en vis en groenten eten. Wij hebben een nieuwe term voor het Japanse eten bedacht deze vakantie. Door het geslurp bij het eten wat de Japanners doen en in Japan aanvaard gedrag is en het vaak glibberige vieze eten, zijn we Japans voedsel slobber gaan noemen. Als we ergens langs liepen dan hadden we het vaak over: nou hier gaan we niet eten, want het is een slobberrestaurant. En aan het eind van onze reis was de term slobberen betreffende het Japanse eten volledig ingeburgerd. Mijn eindconclusie over Japanners is dan ook dat het een apart, vreemd en ontzettend vriendelijk volk is. Daar heb je het in 1 zin duidelijk genoeg mee gezegd.
Mijn
conclusie over deze vakantie/reis:
Dit was een zware vakantie omdat we alles onderweg zelf moesten regelen en ook uitzoeken. Veel navragen en de weg vragen. Dat maakte het meteen ook wel erg leuk en avonturierlijk en we hebben daardoor ook veel contact met de Japanners gehad wat erg leuk was. We hebben veel pech gehad op elektronisch gebied. Mijn filmcamera gaf de hele vakantie door steeds de melding dat de videokop vuil was en schoongemaakt moest worden. Hoe vaak ik dat ook deed, steeds kwam deze melding weer. Dan deed ik terplaatse altijd het schoonmaakbandje er doorheen en dan deed hij het weer een tijdje. Dit was wel een frustratie in de vakantie. Mijn laptop stopte er op een moment ineens mee, maar begon later in de vakantie weer goed te werken. De lader van de batterijen van de kleine digitale camera is op de een na laatste dag kapot gegaan en laadt de batterijen niet meer op. Op de laatste accu hebben we het net gered in de vakantie. Nu moeten we een nieuwe lader gaan kopen. Het reizen met het openbaar vervoer gaat heel makkelijk in Japan en ik zou het de volgende keer zeker weer zo doen. Wel is het zo dat de vertrektijden van bussen en treinen altijd kloppen, maar je aankomsttijden wel heel flexibel kunnen zijn. Daar hebben we zelfs een hotelovernachting door moeten boeken omdat we het niet meer daardoor haalden maar onze reisbestemming. Als we weer zouden gaan zouden we meer in westerse hotels willen zijn. Het traditionele is leuk om een keer mee te maken, maar na 1 of 2 nachten ben je de tatamimatten meer dan zat en wil je gewoon kunnen zitten in je hotelkamer. Wij vonden dat we teveel traditioneel in deze reis hadden zitten dan wij zelf op prijs stelden. Het regenseizoen wat het in Juni zou moeten zijn viel enorm mee. We hebben bijna de hele vakantie elke dag 28 a 29 graden gehad. Het was dan vaak wel bewolkt, maar wel heel warm en vochtig. Regen hebben we een paar keer en dan kort gehad. Het kwam vaak zo uit dat het tijdens een verplaatsing was en dat we in de bus of trein zaten. Op de tijden dat we ergens waren en wilden wandelen hebben we bijna geen regen gehad. Onze jassen zijn de hele vakantie in de koffer gebleven en hebben we niet een keer aangehad in de vakantie. We hebben ontzettend veel beleefd in deze vakantie en er enorm van genoten. Zelfs zoveel dat we zeker nog een keer terug willen naar Japan over een paar jaar. Dan willen we waarschijnlijk het eiland Hokaido aandoen en het zuiden van Japan. We hebben het midden gedeelte nu gehad. Ook zeker zullen we dan weer een dag of vier vijf naar Kyoto terug gaan, daar is nog zoveel te zien. Ik kan ook iedereen aanraden een keer naar Japan te gaan.